Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
ii6
er verder voorviel tusschen Daendels en den sultan hebben wij
reeds bij ons bezoek te Djokjokarta verhaald.
Dat Daendels bij zijn hervormingen niet zelden geweld moest
bezigen, is wel te begrijpen. Ieder was dan ook bang voor
hem en de inlanders noemden hem Toewan Besar Goentoer,
d. i. de Donderende groote heer, een titel, die genoegzaam
aanduidt, welken indruk hij op hen maakte. Zijn meest bekende
arbeid is geweest de vroeger door ons besproken groote weg,
die Java van het Westen naar het Oosten doorloopt en die
geheel door middel van gedwongen arbeid tot stand kwam.
Maar ook het binnenlandsch bestuur, het krijgswezen, de rechts-
bedeeling, de financiën werden door hem verbeterd; echter liet
hij het oude stelsel der Compagnie, de gedwongen leveringen
en wat daartoe behoort, nagenoeg ongewijzigd bestaan.
De gewichtige veranderingen, die kort daarop in Nederland
voorvielen, maakten, dat Daendels weinig vruchten van zijn
arbeid zag. In 1810 werd ons vaderland bij Frankrijk ingelijfd;
Java werd dus een Fransche kolonie. De waardigheid van
opperlandvoogd werd opgedragen aan generaal Janssens. Maar
nu ook naderde een Engelsche vloot, om zich van het overschot
onzer buitenlandsche bezittingen meester te maken, 't Was den
onzen onmogelijk zich staande te houden; onze scheepsmacht
was zeer onvoldoende en volstrekt niet bestand tegen die der
Engelschen, zoodat den 4den Augustus de laatsten zonder te-
genweer nabij Batavia landden. Onze troepen werden bij Wel-
tevreden en bij Meester-Cornelis geslagen; tot die laatste neder-
laag had de Fransche generaal Jumel veel bijgedragen door zijn
gebrek aan moed en aan kennis van de Maleische taal; hij riep
den inlandschen soldaten toe: vlucht! vaxi voorwaarts!
Vruchteloos ook trachtte generaal Janssens zich nog te verdedi-
gen in de nabijheid van Samarang met hulptroepen uit de Vor-
stenlanden. Zes weken na de landing der Engelschen was hij
genoodzaakt Java en onderhoorigheden aan hen over te geven,
en werd hij als krijgsgevangene naar Engeland gevoerd.
Zoo had zich dan bij al de rampen van de Fransche over-
heersching ook nog het verlies van onze Oost gevoegd. Het
bestuur over Java werd door Lord Minto, den Gouverneur-Ge-