Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
107
wij een ander meer, dat van Grati. In schoonheid moet het
onderdoen voor Banjoe Biroe; het ligt tusschen verspreide heu-
vels en is blijkbaar de met water gevulde krater eens vul-
kaans. Een groot aantal bergeenden hebben aan de oevers hun
nesten, en de Javanen, die in den omtrek wonen, zoeken ijverig
de eieren op; zij zouten die in en verzenden ze als een zeer
gezocht artikel van binnenlandschen handel. Hebben wij ons
in het meer van het „blauwe water" met genoegen gebaad,
hier zullen wij ons die verfrissching wel moeten ontzeggen,
want het meer van Grati is een der meest geliefkoosde ver-
blijfplaatsen van den krokodil, en het zou ons denkelijk niet
erg bevallen, indien wij met de reusachtige kaken van dat
monster kennis maakten.
Stelt u een ontzaglijken hagedis voor van eventjes 8 meters
lengte, welks lichaam voor het grootste gedeelte is bedekt
met harde schubben, en gij kunt u eenig denkbeeld van
zoo'n dier maken. Zijn kop loopt spits toe, en de kaken
zijn bezet met een rij scherpe tanden. In het water weet
de krokodil zich uitstekend te redden; met den staart rechts
en links zwaaiende, roeit hij zich met snelheid voort. Op
het land is hij minder thuis; wel loopt hij vlug genoeg,
maar daar zijn pooten buitenwaarts staan, is zijn gang toch
onzeker en onbeholpen. Daarbij is zijn hals onbuigzaam; het
kost hem vrij wat moeite, zich om te wenden, hetgeen een
groot geluk is voor degenen, die hem op het land ontmoeten.
Wie zich nu verbeeldt, dat de Javanen een afschuw hebben
van den krokodil, vergist zich. De inlanders koesteren voor
hem een bijgeloovigen eerbied. Hier, in het meer Grati, bren-
gen zij hem spijs en gaan heel familiaar met hem om. Zij
maken hoenders en vruchten aan een stuk hout vast, en gaan
er heel gerust mee te water; de krokodil komt dan aanzwemmen
en neemt, hetgeen men hem aanbiedt, zonder den mensch kwaad
te doen. Een enkele maal gebeurt het, dat de krokodil bij
vergissing den Javaan beet pakt en verslindt, maar wij willen
gaarne gelooven, dat hij daar naderhand berouw over heeft.
Hoe ver de bijgeloovige vereering van den krokodil bij som-
mige Javanen gaat, blijkt uit hetgeen een Engelsch reiziger
daarvan verhaalt. „Als een inboorling ziek is, neemt hij dikwijls