Boekgegevens
Titel: Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Deel: 1 Java
Auteur: Heijde, H.C. van der; Veth, P.J.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1891
4e herziene dr; 1e dr.: 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1241 : 4e dr. (dl. 1)
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204501
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kijkjes in de Oost: een leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
02
Indië in veiling brengt, doch grootendeels door tusschenkomst
der Handelmaatschappij naar Nederland doet overbrengen en
daar verkoopen.
24. Suiker.
Het wordt tijd, dat wij onze reis voortzetten. Per spoortrein
begeven we ons naar Pasoeroean, de hoofdplaats van de resi-
dentie van denzelfden naam. De ook veel gebruikte rijweg
daarheen is ongemeen fraai: breed, vast, effen, goed onder-
houden en beschaduwd door hooge tamarinde-boomen, strekt
hij zich nagenoeg in dezelfde richting uit als de niet zeer ver-
wijderde kust. Zoover het oog reikt, bespeuren wij rijst- en
suikervelden, terwijl de hooge schoorsteenen, die hier en daar
boven het geboomte van de dessa uitsteken, de aanwezigheid
van vele fabrieken verraden Wij zijn thans in een streek, waar
de suikerindustrie op groote schaal gedreven wordt. In de verte
steekt de vulkaan Ardjoeno zijn kruin omhoog.
De stad Pasoeroean is een van de fraaiste en levendigste van
Java; zij bezit een haven, die druk wordt bezocht, en drijft
veel handel.
Het voornaamste doel van onzen tocht hierheen is, gelijk
reeds door het opschrift wordt aangeduid, de aankweeking en
bereiding van suiker gade te slaan. En daar de stad ons wei-
nig bijzonders aanbiedt, buiten hetgeen wij reeds gezien hebben
of overal elders kunnen zien, besluiten wij maar spoedig, om een
uitstapje naar buiten te maken, naar een suikerfabriek, 't Komt
er weinig op aan naar welke; zij zijn hier in grooten getale
aanwezig. En we behoeven niet bang te zijn, dat de eigenaar
van welke onderneming ook, waar wij willen afstappen, om een
kijkje te nemen, ons zal afwijzen; in Indië weet men daar niet
van. Tien tegen een, dat hij ons zal uitnoodigen niet alleen om
plaats te nemen aan zijn disch, maar ook bij hem te blijven
logeeren, zoo lang als ons goeddunkt.
Het suikerriet behoort tot de grassen en is, even als het