Boekgegevens
Titel: Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Tilburg: R.K. Jongens-Weeshuis, 1894
2e, verb. dr; Oorspr. uitg.: 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1834
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204331
Onderwerp: Biologie: natuurlijke historie
Trefwoord: Natuurlijke historie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het boek der natuur: natuurkundig leesboek voor scholen en huisgezinnen
Vorige scan Volgende scanScanned page
170
gens meermalen in den mond genomen en
gekneed wordt, is het nuttige was. Door blee-
ken wordt het wit en doorschijnend.
De honing wordt door de bijen rechtstreeks
uit de bloemen gelikt en in de cellen, daarvoor
bestemd, verzameld. De bijen bemerken op een
half uur afstands een bloemenveld. In den
regel verzamelt eene bij op één dag slechts
honing van ééne bloemensoort. De honing is
verschillend van kleiu' en smaak naar de ver-
schillende bloemen, waarop hij verzameld is.
De honing der hnde is wit, die der koolgewas-
sen ücht geel, die der boekweit groenachtig ,
die der heideplantjes roodachtig.
De honing bestaat uit twee soorten van sui-
ker ; de eene gelijkt op druivensuiker de andere
komt veel overeen met rietsuiker; verder bevat
hij nog eene gele verfstof, een weinig was en
azijnzuur.
Waarom, denkt gij wellicht, verliezen de
bijen zooveel tijd met het maken van al die
kleine cellen en vergaderen zij den honing niet
in ééne groote ruimte van den korf. Dat weet
de bij zelve niet te zeggen; zij wordt daartoe
door de natuur gedreven. God heeft ze zoo
geschapen, zij kan niet anders. Maar ook in
het kleine schittert Gods grootheid. Hij dacht
aan alles, toen Hij de schepselen het aanzijn
gaf. Als al de honing in ééne ruimte gedaan