Boekgegevens
Titel: De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Groningen: M. Smit, 1861
3e dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1534 : 3e dr.
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204298
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
76
neet liet ijzer aantrekt. Het is een zwartachtige glan-
zige steen , die op sommige plaatsen der aarde in de
bergen gevonden wordt. Houdt men een stukje van
dien steen in de hand en nadert men dat met eene
naald of tenig ander voorwerp van staal of ijzer; dan
zal dat voorwerp zich aan den magneet vasthechten
en er aan blijven hangen. Het wordt door den mag-
neet aangetrokken.
Bestrijkt men eene ijzeren staaf op eene behoorlijke
wijze met den magneet, dan zal die staaf ook mag-
netisch worden, cn even als de steen het ijzer aan-
trekken. Legt men zulk eene staaf op ijzervijlsel, en
ligt men ze dan op, dan zal men ontdekken, dat de
beide einden het meeste aantrekken, dat er al minder
en minder aan blijft hangen, tot in het midden, ^^aar
volstrekt geene aantrekking is.
Er zijn dus twee punten, waarop de magneetkracht
de sterkste aantrekking vertoont, het ijzervijlsel blijft
er als met stralen aan hangen. Die twee punten van
den magneet noemt men de polen» Buigt men den
magneet om in den vorm van een hoefijzer, dan zal
hij met dubbele kracht werken, want dan liggen de
beide polen nevens elkander en werken in dezelfde
rigting.
De magneetkracht werkt door alle stoffen heen,
behalve door het ijzer. Houd ik een vel papier in
de hand en bew-eeg ik den magneet onder dat vel,