Boekgegevens
Titel: De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Auteur: Buijs, Johannes
Uitgave: Groningen: M. Smit, 1861
3e dr; 1e dr.: 1859
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1534 : 3e dr.
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204298
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De kleine Buijs: natuurkundig schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
27
Ten en bijna 6 uren. Daarom rekent men het -jaar
)p 865 dagen, maar daar die 6 uren in 3 jaar 24
: iren geven, zoo neemt men om de vier jaar een jaar
iiran 366 dagen. Zulk een jaar noemt men een sclirih-
leljuar. De maand Februarij, die gewoonlijk 28 da-
gen telt, heeft in een schrikkeljaar 29 dcTgen, Deze
tijdrekening is door Julius Cesar, dien ge wel uit de
vaderlandsche geschiedenis zuU kennen, ingevoerd. ïlet
bleek echter, dat ze niet zuiver was. Een jaar is niet
volkomen 365 dagen en 6 uren, maar eenige minu-
ten minder. Dit gaf na verloop van vele jaren een
aanmerkelijk verschil, In h'^t jaar 1581 was men daar-
door reeds in de tijdrekening 10 dagen ten achter.
Paus Gregorius beval, dat men die 10 dagen zou over-
slaan, en dat jaar in plaats van 5 October 15 October
zou schrijven. Om nu te zorgen, dat men zich in het
vervolg niet weer misrekende, werd bepaald, dat men
telkens drie achtereenvolgende eeuwjaren geen schrik-
keljaar, maar het vierde eeuwjaar weder een schirkkel-
jaar zou nemen.
Eenige volken, waaronder de Kussen, houden zich
aan het oude, en hebben in hunne tijdrekening tegen-
woordig met ons een verschil van 12 dagen.
Een tijdperk van 100 jaren noemt men eene eeuw.
Maar enkele menschen mogen den ouderdom van eene
eeuw bereiken.
' Elk jaar heeft vier jaargetijden^ Hoe schuiner de