Boekgegevens
Titel: Cacographie. Ten gebruike bij het middelbaar onderwijs
Auteur: Cosijn, Pieter Jacob
Uitgave: Haarlem: erven F. Bohn, 1880
3e, onveranderde dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3006
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204170
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Stilistiek, Grammatica, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Cacographie. Ten gebruike bij het middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
55
Mixtum.
{Herhaling van het voorgaande.)
Geef achting, o knaap, opdat gij alle de bemerkingen Uws
leeraars benuttiget. Zoo ge toch gedreven door een onbegrensde
voorliefde voor één vak uitsluilelijk daarvoor arbeidt, en 't an-
dere vernaJatigt, bevorens een blik te hebben op de gfzament-
lijke wetenschap, die gij U moeizaam verwerven moet, zult gij U
later te laat beklagen. Menige leden waren afwezend, daar de
roep van 't nieuwe o'p&casluk dat heden avond zoude worden ten
tonele gevoerd ook hen tot zich gelokt had. Ik ben er ook heên
geweest schoon de intree zeer duur was. De lovenswaardige be-
strevingen van de wakkere directie deden een onbepaalde orde
heerschen bij het in de hoogste gespannenheid verkeerende publiek.
Hoe trefFpnd, dat ik juist in 't schouwspel naast een zeer belang-
rijk persoon, den om zijn meesteracZ/^j^ spel algemeen hoog gevier-
den toonkun«^^?-, te zitten kwam, wiens kennis ik bereids bij on-
derscheidene vroeger gelegenheden gemaakt had. Gelukkig kreeg
ik nog een zitplaats, alhoewel de zaal eivol was. Aan de andere
zijde van mij was de beruchte plantenkundige N. zittende, ook
een niet Ie verwerpen musicus. Men ving met een voorspel aan.
Onverwijld trof reeds de wonderschoone s'p&elaard van den
brillanten vleugel aller oor, waarop Beethovens honderste mees-
lerwerk aardig werd uitgevoerd door Kiokowski, een braaf
kunstenaar, boven 't bereik van mijnen lof verheven, even dezelf-
de, die in Parijs zoo veel laauwer oogstte. Hoe aangrijpend was
zijn k unstdaar stelling, hoe gezwind zweefden zijne vingeren bo-
ven de elpenbeene toetsen, hoe begeesterend was zijn meesLerspel,
slechts onderbroken door de oorverdovende , geestdriftige uitboe-
zemingen van geheel meegesleepte toeschouwers. Ik schiep dub-
bel genoegen in 's mans eenvoudige optreding geheel eenig in
zijn aard en warsch van den eiyendommelijken virtuozen chiek.