Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
-62 De bloem.
vlak in twee gelijke helften kan verdeelen. Bloemen
met regelmatige bloemkronen hebben veelal ook een
regolmatigen kelk, die met onregelmatige kroon meestal
ook een symmetrischen kelk.
De hoofdvormen der regelmatige kroon zijn de vol-
gende :
1) De stervormige (fig. 65) bloemkroon. De onder-
ling samenhangende bloemkroonslippen eindigen in een
kort buisje en zijn vlak uitgespreid.
2) De urnvormige bloemkroon (fig. 66). Hier is de
zoom veel kleiner dan de buis, laatsgenoemde (het ver-
groeid deel) is buikvormig uitgezet en loopt naar boven
enger toe. De keel (de grens tusschen zoom en buis)
is nauw. De zoom bestaat uit kleine tandjes.
3) De klokvormige bloemkroom (fig. 67). De bloem-
kroon is hier ook vergroeidbladig en ook uitgezet even als
de voorgaande, maar van boven vol-
strekt niet nauwer toeloopend.
■i) De trechtervormige bloemkroon
is vergroeidbladig en neemt van het
enge ondereinde naar boven regel-
matig in omvang toe (flg. 68).
5) De buisvormige bloemkroon.
Hier vertoont de buis een aan-
zienlijke lengte vergeleken met de
wijdte die overal dezelfde is; de zoom is getand en kort.
6) De trompetvormige bloemkroon (fig. 69) be-
staat uit een vrij lange buis en een vlak uitgespreiden
zoom.
Ook kan een bloemkroon een samenstelling van twee der
genoemde vormen vertoonen, waarvan als voorbeeld kan
genoemd worden de buis-klokvormige bloemkroon (fig. 70).