Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
De bloem.
57-
beien krans van bloembekleedselen. Bij de Tweezaad-
lobbigen leveren de Boterbloem, de wilde Roos, de
Geranium en de Fuchsia goede voorbeelden, bij de
Eenzaadlobbigen de Tulp, de Lelie, de Vogelmelk, de
Crocus. Bij laatstgenoemden (Éénzaadlobbigen) zijn de
beide kransen ongeveer gelijk van vorm en kleur (dub-
bel perigonium), bij de anderen (Tweezaadlobbigen) in
den regel zeer verschillend in die beide eigenschappen,
van daar het onderscheid dat men hier altijd maakt
tusschen kelk en bloemkroon. Als doorgaanden regel
zal men opmerken dat de onderdeelen der beide kran-
sen met elkander alterneeren of afwisselen, d. w. z. dat
elk deel van den binnensten krans tegenover de ruimte
staat, welke tusschen twee deelen van den buitensten
krans openblijft.
Meermalen gebeurt het dat de kransen op een ge-
meenschappelijke buis rusten, zooals dit bij de Druif-
hyacinth (fig. 58), de Fuchsia's en meer andere bloemen
het geval is. Men kan dan evenwel aan de vrije deelen
(fig. 58) nog altijd zien, welke tot den buitensten en
welke tot den binnensten krans behooren.
Bij de beschrijving eener bloem
met dubbele bloembekleedselen be-
hoort men in de eerste plaats uit
te maken, welke naam er op moet
worden toegepast; heeft men dit ge-
daan, dan beschrijft men de kransen,
't zij één voor één of, wanneer ze
weinig van elkaar afwijken, zooals
bij Eenzaadlobbige planten, tegelij-
kertijd. Hadden wij b.v. een Lelie
te beschrijven dan zouden wij eerst, wetende dat zij