Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
278 Cryi)togamen.
hooren de meeste Mossen. Het zijn kleine tot middel-
matig groote planten, die tot zoden vereenigd op de
aardoppervlakte, op steenen en rotsen, tegen boomen
en zelfs in het water groeien en een groote vormver-
scheidenheid in de capsel en in het geheele uiterlijk
laten zien. Men verdeelt ze in acrocarpe en pleu-
r o c a r p e mossen, bij eerstgenoemde ontspringt het
sporogonium aan den top van den stengel, bij de pleu-
rocarpe een eindweegs daaronder. Men kent over de
6000 verschillende soorten van Bryaceeën, die men tot
tal van familiën gebracht heeft. Acrocarpe geslachten
zijn: Polytrichum, Bryum, Mnium, Funaria, Barbula,
Fissidens enz. Pleurocarpe: Fontinalis, Hypnum, Nec-
kera enz.
ni® Afdeeling: Vaatcryptogamen.
De Vaatcryptogamen. sluiten zich dicht bij de Mossen
aan, doordat ook in hunne ontwikkeling twee scherp
gescheiden perioden zijn op te merken. Bij de Mossen
onderscheidt nien: a) de eigenlijke mosplant, die uit
de spore ontstaat, nadat deze eerst aan eenige draden
het aanzien heeft gegeven; b) het sporogonium, dat de
sporen vormt; a heeft geslachtswerktuigen, b heeft ze
niet. Er heeft dus een regelmatige afwisseling van
tweeërlei plantvormen plaats, waarvan de eene geslachts-
loos, de andere geslachtlijk is. Men noemt deze afwis-
sehng: g e n e r a t i e-w i s s e 1 i n g, een verschijnsel,
dat ook in het dierenrijk alles behalve zeldzaam is.
Ook bij de vaatcryptogamen komt generatiewisse-
ling algemeen voor, maar in dier voege dat de gene-
ratie a zeer onaanzienlijk is, ja dikwijls zeer klein en