Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
208
De verspreidingsmiddelen van


wijl hun bestaan er geheel en al of grootendeels van
afhangt. En dit is meestal niet het geval met zoog-
dieren; van dezen kan gezegd -worden dat ze geheel
buiten hun weten met de vruchtjes in aanraking komen.
Voegen wy hier ter wille der volledigheid bij, dat
vogels ook dikwijls allerlei andere droge vruchten of
zaden geheel toevallig overbrengen; zoo b.v. met vochtige
aarde tusschen hunne teenen of door middel van hun
gevederte.
Bij eene vergelijking van de beteekenis van den wind
met die der vogels, voor de verspreiding der zaden, blijkt
dat laatstgenoemde verreweg de grootste is. De vogels
toch, die met buitengewone snelheid zich plegen voort
te bewegen, kunnen de zaden over veel grootere afstan-
den wegvoeren dan de wind, daar deze nu eens hier,
dan weer daar op een hinderpaal stuit. Maar trekvogels
laten zich zelfs door breede bergruggen en groote zeeën
niet tegenhouden. Plaatsen, die voor ons ontoegankelijk
zijn, zooals steile rotsen en Idippen, bereiken zij zonder
moeite, zoodat ook daarheen de vegetatie haar weg
kan vindèn. Een van de vele voorbeelden van eene
verre verspreiding is het volgende: Phytolacca decandra,
een plant uit N". Amerika, werd lang geleden in zuide-
lijk Frankrijk ingevoerd en bij Bordeaux in groote
hoeveelheden gekweekt, wijl haar donkerrood sap zeer
geschikt is om den wijn schooner te kleuren. In den
loop des tijds is de Phytolacca-bes, die gretig door
■ vogels wordt gegeten, door zuidelijk Frankrijk en zuidelijk
Zwitserland tot naar Tyrol voortgedrongen.