Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
202
I)e verspreidingsmiddelen van
Bij de samengesteldbloemige gewassen of Compositae
-dient, op weinig uitzonderingen na, de kelk als zoodanig.
Deze groeit uit tot een haarpluis of
pappus, d. w. z. hij bestaat uit een
menigte lange rechte haren, die in een
kring boven op het vruchtje staan.
Elk haartje afzonderlijk is 't zij enkel-
voudig (b.v. bij de Paardebloem) of
gevederd, b.v. bij den Boksbaard (Tra-
gopogon). Fig. 157 en 158 vertoonen
ons twee dopvruchtjes van Compositae
met hun sierlijken vliegtoestel. Fig.
157 stelt een vruchtje van de Paarde-
bloem voor; het is van boven tot een
steel vormig aanhangsel verlengd, dat de
«igenlijke vrucht verre in lengte overtreft en aan den top
het zachte pluis draagt, dat eenigszins aan een valscherm
Fig. 155.
Fig. 157.
Fig. 1.58.
Fig. 1-59.
doet denken. Door deze inrichting valt het vruchtje, in
den stand dien de figuui' aangeeft, slechts langzaam op