Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
160
Het vervoer van stuifmeel door dieren. 14.3
Empideri hebben haar naam aan de eigenaardige ge-
daante van liop en snuit te danlcen. Laatstgenoemd
deel toch is niet naar voren, maar nagenoeg loodrecht
naar beneden gericht, terwijl de kop zelf rond is; het
geheel heeft daardoor eenige gelijkenis met den snavel
eener snip. De Empiden zijn klein, ongeveer 5 mm.
lang; haar halsschild is kogelrond, de pooten lang en
dun. In fig. 137, II is een der gewoonste soorten (Empis
livida) afgebeeld, die dikwijls op het Standelkruid te
vinden is. De afdeeling der Zweefvliegen (Syrphiden)
levert een menigte van bloembezoekende Insecten op.
Zij doen door haar geheele voorkomen zeer aan onze
gewone kamervlieg denken, maar zijn er van onder-
scheiden, doordat zij op het achterlijf donkere en lichte
banden en vlekjes dragen. Hiertoe behoort in de eerste
plaats de groote Zweefvlieg
(Syrphus, fig. 137, III), de
Eristalis (Eristalis arbusto-
rum, fig. 138, H) en de lang-
snuitige Rhingia (Rhingia
rostrata, fig. 138,1). De laat-
ste is gemakkelijk te kennen aan een klein kegelvor-
mig uitsteeksel vóór aan den kop, dat de lange, saam-
gevouwen slurp bedekt.
De zuigtoestel der Tweevleugelige Insecten is een
slurp, zooals wij dien van de kamervlieg kennen. Hij
is bijna altijd kort en aan het vrije uiteinde tot een
zuigschijfje verbreed, dat met lijsten, groeven en haren
voorzien is. Met dat breede uiteinde nu wordt de honig
opgelekt. Daar nu de slurp van bijna alle tot deze
orde behoorende Insecten kort en stomp is, kunnen
deze alleen uit zulke bloemen den honig halen, die
Fig. 138.