Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
112
Beschrijving van x>lanten.
door K, bloemkroon door B, meeldraden door M en
stampers door S, dan kunnen wij een bloem met een
1-bladig, 6-slippig perigonium, 6 vrije meeldraden en
1 bovenstandigen stamper, die uit drie vruchtbladen is
samengesteld, kortelijk aanduiden door: P (3 + 3) M
3 + 3 S De haakjes duiden vergroeiing aan, de
scheiding van 6 in 3 3 de plaatsing in twee kransen,
en het streepje achter S en onder (3) de bovenstandigheid
van het vruchtbeginsel. Een bloem met een 1-bladigen,
4-shppigen kelk, een 4-bladige bloemkroon, 8 meeldraden
en een stamper met een onderstandig 4-hokkig vrucht-
beginsel, door de formule:
K (4) B 4 M 4 -f 4 S (i).
Fig. 114.
Een diagram (eig. omtrek) geeft ons 1°. de ligging
der bloemdeelen ten opzichte van elkander te kennen,
2°. het al of niet vergroeid zijn van de deelen van den
zelfden krans, 3°. de vergroeiing der kransen onderling,
4°. de getallen die de kransen vertoonen. Bijgaande
figuren (114) zullen de wijze, waarop men diagram-
men moet maken, voldoende toehchten.