Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
76
moest maken. En thans? De eerzucht had mij alle A'oor-
zigtigheid met voeten doen treden! De roem, die de aca-
demie mij verschaffen kon, verblindde mij niet meer; de
betrekking van inspecteur der straten en wegen opende
voor mij eene staatkundige carrière. Ik was kandidaat!!
Ik duizelde er van en smaakte een oogenblik van
ongekend geluk. Omringd door mijne vrienden, doorliep
ik de straten, herkende op de lucht af iederen kiezer en
strooide de fraaiste beloften met volle handen uit. Green
sloot zich weldra bij ons aan. Een pover kandidaatje!
Hij had geen enkel woord van vleijerij voor de groote
menigte veil; hij deed geen enkele dier beloften, die na de
verkiezing gewoonlijk onder in de stembus blijven liggen, en
gaf ook geen enkel dier beminnenswaardige logentjes ten
beste, die toch als het verpligte vuurwerk bij elke verkie-
zing te beschouwen zijn. Hij was koel en toch angstvallig,
gelijk een koopman, die het voor en het tegen eener
handelsoperatie wikt en weegt. De woorden: //Als men
mij benoemt, zal ik mijn best doen" — of: //Little is
misschien knapper dan ik; gelooft gij dat werkelijk, geef
hem dan de voorkeur" — deze en meer andere domhe-
den, zoo als: //mijn geweten belet mij meer te beloven
dan ik houden kan" — lagen hem in den mond bestor-
ven. Verbeeld u, geweten bij een kandidaat! Men kon
wel zien, dat men meteen kruidenier te doen had! Lieve
Hemel, in Frankrijk weet elk klein kind, dat iedere
kandidaat den dag vóór de verkiezingen zijn geweten
achter sloten en grendels wegbergt en zelfs maar al te
dikwerf vergeet het den dag na de verkiezingen weder
te voorschijn te halen!
Ten langen laatste zou ik onze processie door de stad wel
wat eentoonig gevonden hebben,indien de even corpulente
als vrolijk gestemde Humbug ons niet vergezeld had. Al-
tijd strijdvaardig, altijd gereed met zijne snedige antwoor-
den, werd hij door een massa menschen op de hielen ge-
volgd, alleen om zijne geestige zetten te kunnen opvangen.
Men zal het ligtelijk kunnen bevroeden dat wij niet overal
met vriendelijke gezigten werden begroet, en we stonden