Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
180
in Ameriisa geweest? goedl Gij zegt liet en ik geloof
het omdat gij het zegt; maar hier gelooft iedereen het
tegendeel. En nu ben ik bang, dat -wanneer gij nog
lang uwe zienswijze ' staande houdt, dat men u dan zal
doen doorgaan voor iemand, die.... die...."
//Die gek is?"
ulk beweer dat niet, maar uw avontuur is zoo zeld-
zaam, zoo buitengewoon, dat gij verstandig zoudt doen,
het geheim in eigen boezem te smoren.'"
//Ga nu eens op uw gemak zitten, Rose; laten we eens
van gedacheen wisselen en zeg dan zelf of ik al dan
niet bij zinnen ben. Hoe maken het uwe negen zonen?"
//Dank je, heel goed; ze zijn allen verzorgd, mijn
Benjamin inbegrepen. '
//Ge bedoelt Alfred, niet waar?"
//Ja," zei hij: //een mooije jongen van vier en twin-
tig jaren. Ge weet niet hoe gelukkig zich een vader
gevoelt al zijne kinderen verzorgd te zien."
;/Wat is hunne carrière?"
/'De oudste alleen heeft me verdriet gebaard. Hij was
de eenige, die het karakter van wijlen zijne moeder had.
Hij was eerzuchtig, had een eigen, onverzettelijken wil,
en was noch door mij, noch door een der mijnen te lei-
den. Ik was derhalve verpligt hem op de Polytechnische
school te plaatsen, waar bij, 'k moet het bekennen, braaf
heeft geleerd. Toen hij de school verliet, had ik eene
brillante plaats voor hem verworven bij de regie over
den tabak, maar hij ontsnapte mij, als een paard, dat naar
teugel noch spoor luistert. Mijnheer gaf er de voorkeur
aan de wereld rond te reizen met allerlei nieuwe uitvin-
dingen in den zak. Thans is hij directeur eener groote
fabriek, en verzekert dat hij fortuin maakt. God geve
het! Maar de industrie is een verraderlijk ambacht:
eerst als men sterft weet men, hoe ver men het gebragt
heeft, en daarom baart die jongen mij veel zorg! Mijne
andere zoons daarentegen hebben steeds mijn raad gevolgd,
en mij derhalve niets dan vreugde gebaard. Ik heb ze
een goede opvoeding gegeven en ze toen allen, dank zij