Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
terug treden. Ik nam derhalve een pil en slikte die in.
Jonathan nam de andere. Daarop wuifde hij mij met de
hand een «vaarwel" toe en zeide met holle stem: „Tot
morgen, aan pene zijde van den Oceaan!"
Toen ik mij weder in de open lucht bevond, gevoelde
ik mij in een zonderlingen toestand. Ik was vlugger,
ligter, elastieker dan eenig menschelijk ligchaam ooit ge-
weest kan zijn. Het scheen me, alsof ik met éénen sprong
de maan kon bereiken, die juist door de wolken boorde.
Mijne zintuigen waren op eene ongeloofelijke wijze ver-
fijnd. Ik herkende lieden, die zich aan de andere zijde
der stad bevonden, en hoorde het getik van het uurwerk
op de torenklok. Het leven stroomde mij met ongekende
kracht en warmte door de aderen, en mij zeiven vroeg
ik af: of eene onzigtbare hand mij niet reeds over de
zee voerde. Veel inspanning kostte het mij, om mij het ge-
beurde met Jonathan uit het hoofd te zetten. Ik eindigde,
met schaamte te gevoelen over mijne ligtgeloovigheid.
Eindelijk bereikte ik mijn huis, begaf mij te bed en viel
in slaap, met eene spotternij op de lippen over mr. dream
en zijne krankzinnige bedriegerijen.
Gedurende den nacht had ik een droom.
Was het een droom?
Jonathan zat aan het voeteneinde van mijn bed en
vroeg heel ironiek:
//Welnu ! ongeloovige ? Hoe bevindt gij u na den over-
togt? Heeft de reis u niet vermoeid?"
;/De reis!" zei ik. «De reis! Ik heb mijn bed geen
oogenblik verlaten."
";/En toch bevindt gij u thans in Amerika.... Blijf kalm....
en luister ! Om te beginnen, heb ik uw huis uit elkander
gezet. Van al de laden, die gij verdiepingen noemdet, heb
ik woningen gemaakt naar het Amerikaansche stelsel, met
een tuintje er achter. In een vrij land, gelijk Amerika,
woont men niet als in eene kazerne, met vreemde men-
schen boven en onder zich. Om aan de veertig dui-
zend huizen van Parijs dezelfde verandering te doen on-
dergaan, had ik twee volle uren noodig, maar ik betreur