Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
153
//overtuiging, dat een opregt geweten, eene innige over-
„tuiging en een vasten wil om mede te werken tot hand-
//having van wet en regt, in uw oog gemis aan welspre-
//kendheid zullen doen vergeven.
!/Mijne Heeren de Gezworenen!
//Wanneer wij tot het wezen der zaak doordringen,
//dan doet zich een grootsch en schoon schouwspel aan
//ons voor —, dan staren wij "op een treurspel, bedroe-
//vend welligt voor elk eerlijk gemoed, maar noodzake-
//lijk voor den boetvaardigen misdadiger, noodzakelijk
//tot geruststelling van een geheel land. In dit ijzing-
//wekkende treurspel — laten we het liever een bloedig
//drama noemen! —, levert de ongebondenheid de in-
//leiding, de hebzucht schept het tweede bedrijf en het
//vergift leidt tot de ontknooping! De geregtelijke in-
//Structie heeft alle bijzonderheden van dat huiveiingwek-
//kende drama in het juiste daglicht gesteld en wij zijn
//thans geroepen om den giftmenger te straffen.
//Uwe uitspraak, mijne Heeren de gezworenen, kan niet
//twijfelachtig zijn!
//Verpletterd onder het wigt zijner misdaad en door de
//justitie overwonnen, heeft de schuldige alles bekend.
//Hij staat daar voor u, overstelpt en vernietigd door de
//knagende stem van zijn geweten. Zijn vonnis — het
//Staat hem op het misdadig voorhoofd gegrift en gij,
//leden der jury, gij zult dat vonnis bevestigen.
//Hij geloove niet, de ellendige, dat de gedwongen
//schuldbekentenis die hij aflegde, hem zal ontheffen van
//Verdiende schande. Vruchteloos wendt hij het misda-
//dige hoofd af! Vruchteloos verwijdert hij de onreine
//lippen van den bitteren kelk, dien hij zich zelf door zijne
//ongehoorde gruweldaad heeft bereid! De geregtigheid,
//die een blinddoek draagt en sprakeloos is, de wet,
A/zoo te regt onverbiddelijk, de heilige en billijk strenge
*/wet, eischen, dat hij den bitteren kelk tot den laatsten
//droppel ledige! De zedelijke en stoffelijke marteling van