Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
];39
De reus wierp den Lilliputter op het bankje der beschul-
digden, wischte zich het met bloed en zweet bedekte ge-
laat af en zei:
„Ik breng u een oproermaker I"
//Pardon!'' —, fluisterde ik Humbug in het oor: //gij
znlt toch een misdaad, buiten de audientie bedreven, niet
weder op staanden voet behandelen?
/Waarom niet?" vroeg Humbug met ongeveinsde ver-
bazin
Cr
vOmdat gij anders alle vormen met voeten treedt. Gij
moet beginnen met dien man naar de gevangenis te laten
brengen. De policie stelt dan een onderzoek in en be-
zorgt een aanktaijt. Xaar aanleidins: daarvan moet in
~ ~ O
koelen bloede en hoogen ernst eene instructie plaats
hebben, 'die vei volgens behoort te worden gecontroleerd,
om alle overijlingen en verkeerdheden te kunnen ver-
helpen. Neem daarvoor veertien dagen, een maand, zes
maanden mijnentwege; de tijd doet er niets toe, maar
heb eerbied voor do vormen, die de waarborg zijn voor
de vrijheid !"
„Stel u gerust, doctor! We zullen de instructie doen
plaats hebben tijdens de audiëntie, in het openbaar, met
het geheele land tot getuige. Overijling en verkeerd-
heden worden daardoor van zelf ^'oorkomen. Al de
waarborgen die een beschuldigde eischen kan zal deze
man verwerven; het eenige wat ik hem onthoud is de
preventive gevangenis en ik heb alle reden om te ver-
onderstellen, dat hij daar minder opgesteld is dan gij!"
„Gisteren," zoo sprak nu de policernan: „ben ik uit de
provincie gekomen en deed heden mijne eerste ronde
als agent, toen die kleine Heer hijgende en rood als
een kreeft op mij toeschiet: „,,Agent! — zei hij —
„de Hemel zij dank dat ik je <antref! Hulp! Spoedig!
„Anders is het te laat!' " — ,, „ Wat is er dan te doen?'*
„zei ik. „ ,,Wat er te doen is?" zei hij : „Spoedig! Daar
„wordt iemand vermoord! Zie je daar ginds niet dien
„oploop? Daar is een man die zijne vrouw met een
„ grooten stok half dood slaat. Hoor maar hoe de men-