Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
118
is evenwel nog iets schooners, dan de taak des predikers,
die namelijk van het zendelingschap!"
;/Wat!" riep ik, vol ontsteltenis uit: //hebt gij in uwe
gemeente ook zendelinginnew?"
//Bij ons, helaas, neen! De katholijken alleen genieten
dat voorregt, 'twelk ik hen benijd. Wij bezitten geen
zusters van liefdadigheid; wij hebben niets dan vrouwen
van zendelingen —, en ook deze worden door mij benijd!
Den arbeid van zijn man te deelen, dat is reeds eene heer-
lijke zaak; maar zijne gevaren te deelen, dat is groot in
het oog van God. Laat mijne eerzucht u geene verwon-
dering baren; mijn vader was predikant; mijne twee zus-
ters zijn met zendelingen gehuwd. De eene is aan de Kaap
de Goede Hoop; de andere is in China, en beiden loven
den Heer, die haar zoo roemrijk een lot deelachtig heeft
doen worden."
//Uwe gehuwde zendelingen !" hernam ik : //hebben het
waarlijk niet al te zwaar! Hij die vrouw en kinderen met
zich medevoert, neemt alles met zich mede en verandert
ter naauwernood van vaderland. Voeg daarbij, dat die zen-
delingen in het genot zijn van eene vaste standplaats, een
goed inkomen en voortreffelijke huisvesting —,en stem dan
met mij toe, dat het in zulke omstandigheden, zoo'n verschrik-
kelijke deugd niet is om het Evangelie te verkondigen!"
«Gelooft gij dat?" riep zij uit: //Dan zeg ik u dat gij
u bedriegt. Ik weet niet of het wenschelijker is de geheele
wereld rond te zwerven en het woord van Christus in
het wilde te zaaijen, in den hoop dat de Heer den oogst
in bescherming zal nemen —, dan wel, om zich in een
bepaald veld op te sluiten, waar men niet slechts de zaden
des geloofs uitstrooijen, maar ze tevens met zorg aankwe-
ken kan, tot dat ze ten goede gedijd zijn; wat ik echter
wèl weet, is, dat het geluk van vrouw en kinderen bij
zich te hebben, niets te kort doet aan de heiligheid der
roeping van den zendeling en integendeel de vervulling
zijner pligten nog zwaarder maakt. Aan de Kaap, waar
mijne zuster aan de kinderen der inlanders gewoon onder-
wijs geeft, ten einde die jeugdige harten door beschaving tot