Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
76
Fig. 25. vrij vau den mond de5 kanons naar de
aarde valt. De snelheid van den afge-
schoten kogel is dus zeer groot, daar
hij eene ruimte van 150 el kan afleg-
gen, terwijl een andere, op denzelfden
oogenblik uit de hand van den ka-
nonnier vallende, lel heeft doorloopen.
Het zij nogmaals herhaald, dat men bij
de voorgaande redenering de tegen-
standbieding der lucht in geen geval
heeft in aanmerking genomen. Deze
stelt aan de berekening menig bezwaar
in den weg.
Uit dit een en ander kunnen wij een
zeer merkwaardig gevolg afleiden.
Neemt aan, dat abcd{ÜQ. 26) de
doorsnede, m het middelpunt der aarde
zij , en dat men zich in p bevinde,
boven de aai'doppervlakte, op eenen
hoogen berg. Indien daar nu een ka-
nonskogel wierd afgeschoten in eene
horizontale rigting, dat is evenwijdig
aan den horizont, dan zou, volgens het
beredeneerde, de kogel eenen weg p e
beschrijven, en in e op de aarde val-
len. Konde men den kogel meerdere
snelheid geven, dan zou hij het bij
voorbeeld tot in ƒ brengen; bij nog
grootere tot in 6; en ware het moge-
lijk om den kogel eene snelheid te ge
ven, die hem met eene eenparige bewe •
ging Van zeven duizend el inde seconde
kon doen voortgaan, dan zou hij zich
rondom de aarde bewegen, ten naas-
ten bij den weg pik l volgen, en in p
gekomen, op nieuw eenen omloop be-
ginnen. Zoo doende zou dit ligchaam
om onze aarde blijven wentelen, even als de maan zulks doet. Deze bewe-
ging zoude het aan twee krachten te danken hebben, en hield de zwaarte-
kracht op te werken, bij voorbeeld in A-, zoo zou de kogel, uit hoofde der
traagheid, zijne eenmaal in p verkregene beweging volgen, en langs eene regte
lijn k n, die den tirkel pikl in k raakt, en daarom raaklijn genoemd wordt