Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.785
draad in de streken vaii Oost en West zich bevinden. Plaatst men zich nu zóó-
danig voor een' der draden fig. 478 of 479, dat de stroom er in de rigting van
He wijzers eener klok in rondloopt, dan beeft men het zuiden achter of het
noorden uóór zich. Men kan dus zeggen, dat er evenwigt plaats vindt, wanneer in de
onde^te helft van den draad de positieve stroom van het oosten naar het westen
gaat. Heeft men zich alzoo voor den beweegbaren draad, door welken de gal-
t'ig. 480.
vanische stroom loopt,
gesteld, als zoo even
is gezegd, dan gaat
de stroom in de wes-
telijke helft van den
draad opwaarts en in
de oostelijke naar be-
neden .
De commutator van
Elias bewijst natuurlijk
bij de omkeering des
strooms goede diensten.
Hij is daartoe zoo een-
voudig ingerigt als fig.
480 hem voorstelt. Dc
vier verbindingen der draden geschieden nu niet als in fig. 4^4 tloor 4 af-
zonderlijke knopjes, maar zij hebben plaats in de veêren a en 6 en de dra-
gertjes c en d zelven. In de figuur is aangewezen, hoedanig de stroom thans
loopt. Draait men door middel van C het cilindertje A B eenen halven slag
om, dan rust n op de helft A en i op de helft B, de stroom is dus omgekeerd,
Rusten de veêren op het houten deel des cilinders dan is de keten geopend.
Het boven beschreven rigtingsverschijnsel des strooms doet zich zelfs op bij een'
zeerzwakken stroom. Steektmen b. v. door een stuk kurk, dat op zuur gemaakt
water drijft, een plaatje koper en zink, die beiden onder door de kurk in het zuur
reiken, en vereenigt men deze met een' koperen draad (zie fig. 481), zoo gaat de
stroom, gelijk bekend is, van het zink t door het water op het koper over, en neemt
cencn loop aan, die door pijltjes is aangewezen Deze zwakke stroom is nu sterk
Fig. 482.
481.


genoeg, ora door het
aardmagnetismus ge-
rigt te worden; nog
beter zal men hierin
slagen, indien men den
koperen draad, van t
uitgaande, eerst eenige
cirkelvormige windin-
gen, gelijk aan de ééne