Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.701
eu neemt als eenfwid der stoomsierkie dien
stroom aan, welke in 1 minuut 1 kubiek duim
knalgas levert. Het gas wordt altijd door be-
rekening tot de digtheid herleid, die het
zoude hebben, wanneer de temperatuur O
graden was, en de luchtdrukking op dat gas
door eene kwikkolom van 76 duim in den ba-
rometer wordt aangegeven. Men ziet hieruit,
dat de tangentenboussole veel gemakkelijker
in het gebruik is dan de voltameter. Wan-
neer men nu beide deze werktuigen te gehjk
in den sluitdraad der verschillende batterijen
voegt, moeten natuurlijk de geleverde hoe-
veelheden gas tot elkander staan als de tan-
genten der afwijkingshoeken.
Wanneer men het gas, dat zich in b ver-
zamelt op kalk laat werken, kan men het
bekende drummondsche kalklicht voortbrengen. Zet men tusschen de platen
m en n fig. 4^8 eene poreuse tusschenwand, en heeft dan elk der beide afdee-
lingen van het vat eene buis c, zoo verkrijgt meu elke gassoort afzonderlijk
even als bij fig. 427 het geval was (zie verder bladz. 711).
De verklaring, die men van dit merkwaardig verschijnsel heeft gegeven en
schier door alle natuurkundigen als juist wordt erkend, is de volgende:
Wanneer waterstofgas met zuurstofgas tot water verbonden is, zoo worden
bij deze zeer naauwe aanraking der atomen de zuurstof-atomen negatief-, en de
waterstof-atomen positief-electrisch; en, wegens de gelijkvormige verdeeling van
de atomen dier beide zelfstandigheden, kan er in hare verbinding, dat is in het
water, geene vrije E merkbaar zijn. Bevindt zich nu water tusschen de beide
polen of poolplaten z en k (zie fig. 430) van de galvanische keten, zoo zal de
Fig. 430.
-f
zt
12 c|>r
positieve pool z op de digtst bij haar liggende water-
deeltjes of watermolekulen 1 (de waterdeeltjes wor-
den iu de figuur door kringetjes voorgesteld) der-
wijze werken, dat het negatieve bestanddeel daarvan
door de plaat wordt aangetrokken en alzoo naar de
positieve pool toegekeerd, terwijl het afgestootene
waterstof-atoom van de positieve pool zich afwendt. In de figuur stelt de witte
helft der cirkeltjes het zuurstof-atoom, de donkere helft het waterstof-atoom van
elk waterdeeltje voor. Het waterdeeltje 1 werkt echter op het waterdeeltje 2 in
diervoege, dat het zijne bestanddeelen naar dezelfde zijde heenrigt als het water-
deeltje 1 ; zoo werkt ook 2 op 3, enz. Aldus zullen alle waterdeelen, die tus-
schen de beide polen gelegen zijn, hun waterstof-atoom naar den negatieven, en
hun zuurstof-atoom naar den positieven pool heenrigten. Ingeval nu de aan-