Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.689
eene staug over, die geheel inhet inwendige vande huis dr ligt, maar zoodanig
dat zij door hars of eenen and eren isolator geheel van de huis r geïsoleerd is;
daar nu de inwendige staaf m met de linkerzijde vw x van eeu' koperen ring in
onmiddellijke aanraking staat, en de holle huis d r met de regterzijde x t v van
dien ring iu verbinding is gebragt, zijnde de koperen ring vwxt bij v, door
middel van een isolerend tusschenlegsel afgebroken, zoo beweegt zich natuur-
lijk de electrische stroom van m bij v over deu ring, eu loopt in de rigting
vtv xlv rd ca in zichzelven terug. In het midden vau de metalen strook vwxt
bevindt zich de magneetnaald /i, die door den kringvormigen loop des elec-
trischen strooms de bekende afwijking ondergaat. Deze naald is 10 lot 12 maal
kleiner dan de lengte wt der middellijn van den cirkelvormigen ring vwxt.
Men neemt de naald zoo klein, omdat, wanneer zij afwijkt, hare punt toch niet
veel verder van den ring verwijderd is, dan wanneer zij in het vlak van deu
ring ligt, en dieu teu gevolge kan meu het vermindereu der kracht, waar-
mede de stroom bij meerdere afwijking der naald op deze werkt, verwaar-
loozen.
Indien men dit werktuig gebruiken wil, plaatst men het vlak, dat men
door den koperen ring vwxt kan laten gaan, in den magnetischen meredi-
aan, zoodat de magneetnaald h juist in de rigting der middellijn wt staat.
Zoodra de stroom in den ring omloopt, wijkt de naald af, doordien er nu twee
loodregt op elkander werkende krachten, n I. de magneetkracht der aarde en de
afstootende kracht van den stroom, invloed op haar uitoefenen, van welke krachten
de eerste de naald in de rigting w t tracht te houden,en de tweede haar loodregt
op die rigting wil voeren. Hare rigting zal dus met de middellyn w t eenen
zekeren hoek/i n < maken (zie fig. 425}. Gesteld nu, dat een andere sterkere
stroom een' hoek lint' bewerkt, grooter
dau de eerste, dan vindt men de betrek*
king, waarin de sterkte der beide stroo-
men tot elkauder slaan, door uit de beide
hoekpunten n en n' met dezelfde stralen
cirkelbogen lit en A't' te beschrijven, en
uit de punten t en (' loodlijnen t m en
t'ni op te rigten, die het been nli of
n h' van den hoek iu m en m' snijden :
op eene zeer eenvoudige wijze wordt door
de meetkunst bewezen, dat de betrekking,
waarin de lijnen mt en m't' tot elkander staan, de betrekking zal uitdrukken
van de sterkte der beide stroomen. Dewijl deze beide laatste lijnen in de meet-
kunst raaklijnen of tangenten genoemd worden, zoo heet hel beschreven werk-
tuig een tangcntcn-kompas of tangenten-boussole. Iu daartoe bestemde tafels
(tangenten-tatels) vindt men dadelijk voor eiken hoek de tangens aangegeven, zoo-
dat dit werktuig zeer gemakkelijk is in het gebruik. Bezigt meu die inrig-
30"
Fig. 425.