Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.676
Fig. 414.
Fig. 415
;4 r nsniwiiiiiiiiu
De zinkciliiider van het glas 1 is door een' beugel verbonden met den zinkring,
welke den koolcilinder van het glas 2 omsluit. Even zoo verbindt een zinkbeu-
gel den zinkcilinder van het glas 2 met den koolcilinder van het glas 3, enz.
De ring, welke op den koolcilinder van het glas 1 is bevestigd, eindigt met eene
reep zink p, welke de positieve pool uitmaakt; de reep zink n, die aan den zink-
cilinder in het glas 4 bevestigd is, is de negatieve pool der keten. Is dit den lezer
niet regt duidehjk, dan bedenke hij, dat het zink, door aanraking met de kool,
positief-electrisch wordt; deze opgewekte -f-E stroomt van den ring, die rondom
den koolcilinder iu het glas 4 ligt» langs den beugel naar den zinkcilinder in
het glas 3 over, van dezen door het verdunde zwavelzuur, de poriën van het tus-
schenschot en het salpeterzuur op de kool in dat glas, van deze op den zinken ring,
en zoo weder langs den beugel naar het zink in het glas 2, daarna op dezelfde
wijze naar den zinkcilinder in het glas 1, vervolgens naar de omringende kool,
waardoor de geleider;) positief-electrisch wordt. De —E gaat den tegenoverge-
stelden weg. Doch, zooals gezegd is, wij beschouwen slechts den weg des posi-
tieven strooms.
De constante batterij van Grove bestaat uit paren zink eu platina. Fig. ^16
maakt één element van zulk eene batterij aanschou-
welijk. De zinkplaat abcd is zoodanig viermalen
regthoekig omgebogen, dat zij een soort van bakje
vormt, dat boven en op de beide zijden open is. In
deze ruimte staat een dun potje e, vervaardigd van
pijpaarde. Hierin wordt salpeterzuur gegoten en
een zeer dun platina-plaatje gezet, dat omtrent
zoo groot is, als een der grootste zijvlakken van het
potje e. Zink, poreus potje eu platina, zijn alle drie
begrepen in een langwerpig porseleinen bakje, waarin
het zink juist past. Somtijds maakt men dit bakje
van hout, en bestrijkt het inwendig met koolteer.