Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.633
of schokken. Dien ring verbeelde men zich in de teekening tweemaal grooter.
De vonk brengt een' zaag-of zigzagvormigen lichtstraal met eenige zijtakken te
weeg, en is dus in gedaante volmaakt gelijk aan eeu' bliksemstraal.
Om het onderscheid te doen zien tusschen het licht, hetwelk door -f-E wordt
voortgebragt en dat, wat door —E ontstaat, zoo boude men bij den geladenen
conductor eenen spitsen geleider, en men zal dan aan de punt eene lichtende
ster gewaar worden, die in helderheid toeneemt, naarmate de punt den con-
ductor der machine nadert; deze ster was het licht der aangetrokkene —-E. Zet
men de spits op den geladenen conductor, dan vervloeit de -4-E als een stralen-
bundel of eene lichtpluim.
11'. Het uitstroomen van licht heeft op eene zeer verrassende en bekoorlijke
wijze plaats in den zoogenaamden electrischen réacteur. Dit werktuigje bestaat
uit een reepje dun geel koper a i» (zie fig. 385) ter lengte van 12 tot 15duim,
en ^ duim breedte, aan elk einde voorzien van eene sikkel- of zeisvormige punt,
Fig, 385, Fig. 386. of wel in den vorm van fig. 386 ge-
..........................hragt, en in het midden c van eene
^ kleine verdieping voorzien, zoodat
j^^^ke punt eener naald kan
^ P plaatsen, die ofop den knop eener ge-
.......adene leid sehe flesch, of op den con-
jduclor, of wel op eenige ellen af-
stands van dezen op een loodregt staafje wordt bevestigd. In elk dier gevallen be«
gint het werktuigje snel te draaijen in eene rigting, die de pijltjes inde beide figu-
ren aangeven. De oorzaak dezer beweging moet gezocht worden in de beweging der
luchtdeeltjes, die door het electrische ligchaam in een' gepolariseerden toestand
worden gebragt. De luchtdeeltjes toch worden door den electrischen conductor of
flesch aangetrokken, afgestooten, op nieuw aangetrokken enz., terwijl de luchtmo-
leculen op elkander weder een' dergelijken invloed uitoefenen. Dit afstooten en
aantrekken veroorzaakt eene beweging in de lucht, die bekend is onder den naam
van electrischen wind, en die dikwerf groot genoeg is, om het licht, dat men
tegenover eeue op den conductor geplaatste punt houdt, uit te blazen. De goud-
blad-electrometer doet, wanneer hij op eenige ellen afstands van den conductor
in de rigting van zulk een punt geplaatst wordt, onmiddellijk zijne lading kennen.
Men ziet, dat de electrische molen dus ook door^het overdragen der electrische be-
weging op eenen afstand moet draaijen. Onder den vaii lucht beroofden recipient
der luchtpomp geschiedt het draaijen niet, hoewel de uitstrooming der E daar
nog veel grooter is,
12'. Eene zeer opmerkelijke proef, die vooreerst de beweging der luchtdeelen,
en ten tweede de slechte geleidbaarheid der oliën bewijst, namen wij met de
kleine machine in fig. 349 afgebeeld. Eeu wijnkelk werd tot twee duim be-
neden den rand met olijfolie gevuld, vervolgens over den rand heen een smal
reepje bladtin gebogen, dat met het eeue einde onder de olie en met het andere
28