Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
.631
clend is verbonden, strooit op bet schijfje een weinig drooge klei of aarde, en
plaatst nu ook een metalen plaatje boven op het glas, welk plaatje met den
conductor geleidend in gemeenschap staat; als nu deze laatste geladen wordt,
zoo wordt de klei door de bovenste plaat aangetrokken en afgestooten, en alzoo
wordt er een electrische wervelwind voorgesteld. Vervangt men de fijne klei door
geel kopervijlsel, of nog liever onecht goudblad, zoo ziet men de stukjes in het
donker licht verspreiden en het verbeeldt een' electrischen vuurregen. Verbindt
men aan den conductor e een' koperen ring, die ongeveer 8 a 10 duim in middel-
lijn kleiner is dan de plaat a en evenwijdig aan deze tol op 15è20 strepen
afstands boven haar is bevestigd: werpt men vervolgens in de ruimte, die den
ring omsluit, een hol glazen kogeltje, zoo zal dit, bij het in werking brengen
der machine, gestadig binnen den ring zeer snel rondloopen; plaatst men het
bolletje er buiten, dan beweegt het zich ook langs de buitenzijde des rings in de
rondte. Deze beweging is alleen een gevolg van het aantrekkend en afstootend
vermogen der electrische plaatsen van ring, bal en plaat. Was de bal geleidend,
zoo zou hij niet rondloopen.
T. Het electrische klokkenspel kan men op de volgende wijze tot stand bren-
gen. (zie fig. 383).
«verbeeldt een glazen staafje, dat op een geleidend voetstukje b is geschroefd;
^ ^^^ deze twee deelen klemmeneen me-
' talen klokje c tusschen elkander
vast. Het bovendeel d is insgelijks
van metaal, en daarmede zijn de
metalen dwarsarmpjes mn tupg
geleidend verbonden. Aan de ein-
den dier dwarsarmen hangen, ins-
gelijks aan geleidende draden of
ketlingjes , vier klokjes r r, en
midden tusschen deze en de mid-
delste klok in bevinden zich vier
koperen kogeltjes ofklepeltjes it,
die door middel van zijden koor-
den aan de dwarsarmen zijn vast-
gehecht. Brengt men nu door den
geleiddraad e de gekruiste armen mnenp g met den conductor der machine in
verband, dan zullen, wanneer men dezen laadt, het geheele bovendeel van den
toestel, en door de geleiddraden ook de vier klokjes r electrisch worden; hel
middelste klokje c is door de glazen staaf « van de gemeenschap met het boven-
deel uitgesloten en is derhalve een geleider, die met den grond verbonden is ;
terwijl de klepeltjes i, door de zijden koorden geheel geïsoleerd zijnde, beurte-
lings legende electrische klokken r, om zich le ladeu, en daarna naar de klok
c, om zich te veronzijdigen, heen en weder worden geslingerd. Telkens wordt