Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
58-4
en vooraf aan eenen zijden draad van 5 tot 6 palm lengte is opgehangen, zoo
wordt de stang door eene andere electrische harsstang afgestooten, maar door eene
gewrevene glazen stang aangetrokken. Op dergelijke wijze stooten twee glazen
stangen elkander af. Wij moeten daaruit afleiden, dat de electriciteit van het
glas niet met die van de hars dezelfde is. Men heeft daarom, zooals reeds is aan-
gevoerd , twee verschillende soorten van electriciteit of twee tegenovergestelde
electrische krachten aangenomen, en, om ze van elkander te onderscheiden, de
eene glas- oïpositieve electriciteit, dc andere Aars- of negatieve electriciteit genoemd.
De eerste namen gaf du Fay aan de electrische vloeistoffen in 1735; de laatste
zijn van Franklin sedert 174? afkomstig. Men wijst de eerste soort vau elec-
triciteit gewoonlijk door het teeken -f- E en de laatste door ^ E aan. Als deze
heide electriciteiten in een ligchaam verhouden zijn, en elkanders werking ver-
nietigen, zoo zegt men, dat dit ligchaam in zijnen natuurlijken toestand ver-
keert. Worden echter in een ligchaam de beide electriciteiten door eene of an-
dere oorzaak gescheiden, zoo wordt het ligchaam electrisch, en wel positief als
de glas-electriciteit, en negatief als de hars-electriciteit de overhand heeft. Is
alzoo de electriciteit kenbaar, voor ons blijvend waarneembaar geworden, dan
noemt men dit vrije electriciteit. Hoe men de soort van electriciteit ontdekken
kan, zult gij uit de laatstgenomene proeven wel kunnen afleiden. Deelt men
toch aan den electrischen slinger a (zie fig. 346) electriciteit mede, door eene
met zijde gewreven glazen staaf er tegen aan te houden, en brengt men er ver-
volgens het te onderzoekene electrische ligchaam bij, dan zal dit laatste immers
positief electrisch zijn, indien het het balletje afstoot, en negatief electrisch, in-
dien het dit aantrekt; want wij hebben door onze herhaalde proefnemingen ge-
leerd, dat, op eene dergelijke wijze als bij de magneetkracht is aangewezen, ge-
lijksoortige electriciteiten elkander afstooten en ongelijksoortige elkander aantrekken.
Door dit onderzoek op zulk eene wijze voort te zetten, heeft men vele merk-
waardige daadzaken ontdekt, die allen door de onderstelling van het aanwezij;
zijn van tweederlei electrische krachten worden verklaard. Wij zullen er eenige
van doen kennen. Vooraf echter wete men, dat eene negatieve of zoogenaamde
liarstang het best wordt zamengesteld uit 5 deelen schellak, 5 deelen mastik.
2 deelen venetiaansche terpentijn en 1 deel marinelijm (bestaande uit schellak,
stcenkolenteer en kaoutschouk). Men zorge vooral bij het zamensmelten, de
schellak niet te heet temaken. Zulk eene stang toont, gewreven wordende, eenr
ongeloofelijk sterke electrische werking, en is dus tot proefnemingen uitmuntend
geschikt.
r Men verklaart door de aangewezene vooronderstelling, waarom het
vlierpitballetje, of ieder ander ligt voorwerp, na het door een electrisch lig-
chaam is aangetrokken, weder door dit laatste wordt afgestooten: want beide
ligchamen bezitten na de aanraking gelijksoortige electriciteit. Keert het ligte lig-
chaampje vervolgens weder naar het electrische terug, dan geschiedt dit alleen,
omdat het de electriciteit, waarvan het zich heeft meester gemaakt, weder heeft