Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ud
tafel; ook een liorologie op liet kommaiKlo doen stil staan, enz. Hiertoe houdt
nieii een' magneet onder het blad der tafel, en als deze nu in eenen stok verborgen
is, zoo wordt de misleiding te grooter.
Er bestaan kleine toestellen, die men gevoegelijk tooverkastjes zou kunnen noe-
men, en waardoor onwetenden op de kermissen vaak zijn misleid geworden. De
lieden echter, die met het vertoonen van zulke aardigheden hun broocl trachten
te verdienen, vinden ongetwijfeld een meer soIkt bestaan, sedert de eenvoudigste
mensch de voornaamste natuurkundige waarheden nu en dan hoort voor-
dragen.
Het bedoelde toestelletje bestaat in een rond bakje van bordpapier, van om-
trent anderhalve palm wijd en 3 duim hoog. Op den bodem zijn uit het middel-
punt twee iu groote verschillende cirkels beschreven; de grootste of buitenste is
iu 2/| gelijke stukken verdeeld en uit die deelpunten zijn naar het middelpunt
stralen getrokken. De smalle strook tusschen de beide cirkels is nu daardoor in
24 deelen verdeeld , welke nu nogmaals ieiler midden door worden gedeeld,
waardoor dan de buitenste ring 48 gelijke deeleu bevat. In deze vakjes schrijft
men de getallen 1 tot 48« De 24 overige vakken, waarin het binnenste cirkelvlak
door de getrokkene stralen verdeeld is, worden nu met eenige vragen bezet. In
het midden van den bodem staat eene geel-koperen stift, om welke een houten
wijzer beweegbaar is, waarin men een' magneet verborgen heeft, die iets korter
is dan de wijzer en even als deze vau eene opening voorzien, om de stift door te
laten. De wijzer wordt aan de eene zijde spits en aan het andere eind stomp en
breed gemaakt; de spits wordt heimelijk, zonder dat de vertoouer er iets van
bemerkt, op eene der vragen of getallen geplaatst en het kastje vervolgens toe-
gemaakt.
Teu einde nu te weten, niettegenstaande het doosje gesloten is, op welk getal
of welke vraag de wijzer staat, stelt men een tweede kastje zamen, kleiner, maar
toch gelijksoortig aan het eerste, en verbergt er een' beweegbaren magneet in
van omtrent 4 duim lengte. Op den bodem worden dezelfde lijnen getrokken,
dezelfde getallen en vragen geplaatst en in dezelfde orde als het in het eerste is
geschied, maar op eene veel kleinere schaal. Stelt nu hij, die zijne kunsten ver-
toont, dit kleine kastje met den magneetnaald juist op het midden van het ronde
deksel van de grootere doos, en wel zoodanig, dat de stralen der beide cirkels
eu dus de gelijke getallen en vragen juist boven elkander liggen, hetgeen door
het aanbrengen van kleine teekens op het deksel zeer goed mogelijk is, zoo
zal de magneet in het bovenste kastje dezelfde rigting aannemen, als de wijzer in
het onderste, die, gelijk gezegd is, den tweeden magneet in zich sluit; de bovenste
magneet zal dus op hetzelfde getal of dezelfde vraag blijven staan, als waarop de
onderste door middel van den wijzer geplaatst is. Dit is een gevolg van de aan-
trekking, die ongelijknamige polen op elkander uitoefenen. De vertooner kan dus
alzoo te weten komen, waarop de verborgene wijzer staat.
Men kan om het bovenste kastje met den magneet, die hier iu is, tc verbergen,