Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
45S
Fig- 275. verlaten. Zijn weder erf en s**, even
als vroeger, de tegenover gestelde
polarisatie-\ lakken. Bereiken nu
deze beide stralen B x den analyseur,
die slechts stralen, welker slinge-
ringsvlak pp' is, kan terug kaatsen,
of zulke, waarvan het slingerings-
vlak q q' is, kan doorlaten, zoo wordt
elk dier beide lichtstralen, die in
Bx vereenigd waren, op nieuw in
twee andere gesplitst, en wel zooda-
nig, dat hunne polarisatie-rigtiugcn door p p en q q' worden aangewezen.
Wordt de slingerings-intensiteit des straals, die in het vlak ss' geiwlariseerd
is, aangenomen van A tot a, zoo gaan in denzelfdcn oogenblik de slingerrig-
tingen der zamenstel lenden van A a, van A tot L en van A tot c; dc slinge-
ringsintensiteiten zijn derhalve A b e\y Ac De andere straal, die iu het vlak
c d gepolariseerd is, heeft zijn slingeringsvlak in s s', en wordt de intensiteit der
trillingskracht van dien straal door Ad aangewezen, dau zijn de beide zamen-
stellende op de lijnen pp' en </ q' de trillingskrachten Af en Ac. Men ziet alzoo
uit de in Bx fig. 274 vereenigd geweest zijude twee stralen een dubbel paar ont-
staan. Het eene paar dier vier deelen slingert volgens A b en Afin het trillings-
vlak, waarin de analyseur vermag stralen terug te kaatsenj dit paar versterkt dus
elkanders slingerings-intensiteit. Het andere paar slingert in rigtingen Ac en
Ae, in het vlak 77', volgens hetwelk de analyseur stralen zal doorlaten; deze
laatste verzwakken elkanders kracht en zullen deze wederzijds te niet doen, wan-
neer Aa even groot is genomen als Ad, hetwelk juist het geval is, indien de
hoofdsnede van het gipsblaadje eenen hoek van 45' maakt met het slingerings-
vlak p p' van de spiegels A en F. In die stelling vernietigen A c en .ie elkander,
en de analyseur doet in doorgelaten licht het plaatje dus donker voorkomen.
Dewijl nu het vermelde verschil in slingcringstoestand vau de stralen A' B en A B,
als zij in zamen vallen, fig. 274, en welk verschil voortvloeit uit de ongelijke
wegen, door hen doorloopen, bij verschillend gekleurd licht, voor elke kleur
anders moet uitvallen, daar toch de golven van elke kleur hunue eigene lengte
hebben, zoo blijkt daaruit duidelijk, dat de verhouding, volgens welke deze
kleuren in wit licht gemengd voorkomen, moet verstoord worden; het ontstaan
der kleuren heldert zich derhalve daardoor op, terwijl de invloed van de dikte
der plaat op de kleur reeds vroeger is aangewezen. Waar de werking der inter-
ferentie in het eene stralenpaar versterking te weeg brengt, vindt in het andere
verzwakking plaats, en dien ten gevolge zal, wanneer de versterking van zekere
gekleurde bestanddeelen des witten lichts bij het eene paar de overhand heeft,
bij het tweede paar die kleur verzwakking ondervinden, endusdecomplemeutaire
van deze kleur de overhand hebben; men ziet nu ook ongetwijfeld in, waarom