Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
4S0
gepolariseerd is, zooals dat van den helderen hemel, en dat 't welk van vensters,
tafels, enz. teruggekaatst wordt.
Thans willen wij nog het een en ander mededeelen aangaande eene der fraaiste
gezigtkundige verschijnselen, welke het door sommige kristallen doorgelatene
licht oplevert: wij bedoelen de kleuren, die dubbel brekende doorschijnende kristal-
plaatjes in gepolariseerd licht voortbrengen. Het ous taan dier kleuren is eigentlijk
een interferentfe-verschijnsel bij gepolariseerde lichtstralen, en werd het eerst in
het jaar 1811 door Arago, en bijna gelijktijdig door Brewster ontdekt.
Men kan van het natuurlijke gekristalliseerde gips, dat een glasachtig aanzien
heeft, gemakkelijk door splijting zeer dunne plaatjes verkrijgen, die eene vrij
aanzienlijke oppervlakte beslaan, en zoo dun zijn, dat velen te zamen genomen
nog geene streep dikte hebben. Men bevestigt deze dunne, zeer doorschijnende
plaatjes gewoonlijk met canada-balsem tusschen twee stukjes glas; evenals zulks
met microscopische voorwerpen plaats heeft. De splijting geschiedt het meest
volkomen in de rigting der optische as. Beziet men zulk een plaatje in gewoon
licht, dan is het kleurloos, volkomen doorschijnend, en naauwelijks tusschen de
glazen in merkbaar. Legt men het echter op het Rafeltje xx van den polarisatie-
toestel (zie fig, 259), zoo ziet men het in den spiegel F in sommige stellingen zeer
levendig gekleurd, en wel des te levendiger, naarmate het minder dik is. Ten
einde nu vau deze stellingen en die kleuren het regte denkbeeld te verkrijgen,
zoo vooronderstel, dat wij een gipsplaatje van eene gelijkmatige dikte op het
tafeltje x x (zie fig. 259) hebben gelegd, zoodanig, dat de, door den spiegel J,
die onder den vereischten hoek is gesteld, gepolariseeixJe lichtstraal np het dunne
schijfje loodregt treft. Neem verder aan, dat de analyseur F uit een' bundel dunne
glazen platen bestaat, eu dat er dus de gepolariseerde straal np door kan wor-
den waargenomen, zoowel indien hij er door heen treedt, als wanneer hij er door
teruggekaatst wordt.
Laat de analyseur zoodanig gesteld zijn, dat r tegenover s of nul ligt, zoodat
de spiegelvlakken J en F evenwijdig zijn. Nu verschijnt het gipsblaadje, zoowel
in het door den analyseur doorgelatene als door hem teruggekaatste licht, ge-
kleurd; zoo dit niet het geval zijn mogte, zal eene kleine draaiing van het plaatje
de kleur doen optreden. De kleur, welke het doorgelatene licht deed zien, was
intusschen de complementaire- of aanvulHngs-kleur van die, welke het terugge-
kaatste licht vertoonde. Wordt het gipsplaatje, door horizontale draaijing van
het vlak xx, geheel in dé rondte gevoerd, zoo verandert voortdurend de sterkte |1
van de kleur, ja verdwijnt zelfs geheel, wanneer een zeker punt van het vlak xx I
over vier punten van den ring D is gebragt, die 90* van elkander af staan; maar \i
als die verdwijning plaats grijpt, is de plaat in het teruggekaatste licht helder, in ii
het doorgelatene donker. Laat men evenwel het plaatje rustig liggen, maar draait (i
men den analyseur Fin den ring C om, en is r op 90' of juist tusschen t en s ge- i;
komen, waardoor het terugkaatsingsvlak van F loodregt op dat van A staat, zoo:
is de kleur, zoowel voor het teruggekaatste als het doorgelatene licht, de comple-«
k