Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
a
Fig 262. ^^^ ^ n m teruggeworpen.
De slingerrigtingeu
van deu doorgega-
nen straal bf vallen
met het vlak van
terugkaatsing za-
men ; zij worden
door den zwarten
spiegel C niet terug
gekaatst. Worden
heide spiegels B en
C 90' omgedraaid
op de omschrevene
Wijze, dan vertoont
zich het verschijnsel
juist omgekeerd.
Deze proeven en de
voorgaande bevesti-
gen, dat gewoon licht zich daarin van gepolariseerd licht onderscheidt, dat het
bij elke stelling der glazeu platen wordt doorgelaten of teruggeworpen, terwijl
zulks bij gepolariseerd licht het geval niet is. De verschijnselen bij het licht, dat
doorlagen van glas wordt doorgelaten, maken duidelijk, waarom men bij den po-
larisatie-toestel van Nörrenberg den oncersten spiegel B (zie fig. 259) geheel kan
weglaten, en kan verv angen door eenige lagen A fig. 262 van wit glas, van welke
het onderste zwart vernist is. Het alsden door de lagen doorgegane, terugge-
kaatste en op nieuw doorgelaten licht verkrijgt hetzelfde slingerings- en pola-
risatie-vlak met het onmiddellijk teruggekaatste licht.
De hoek van polarisatie is niet voor alle stoffen even groot; ieder ligchaam
heeft zijn' eigenen polarisatie-hoek. Brewster heeft ontdekt, dat wanneer a b, zie
fig. 263, den invallenden straal voorstelt, de polarisatie het meest volkomen plaats
263 vindt, indien het ge-
brokene deel b d met
den teruggekaatsten
straal b g een' regten
hoek maakt. Voor
eiken hoek a 6 «y, waar-
bij dit het geval niet
is, is het teruggekaat-
ste licht niet meer
volkomen gepolari-
seerd; en daar nu alle
kleuren 'geene gelijke breking in eene zekere slof ondergaan, zoo blijkt hieruit,