Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
Fig. 223.
op zulk eenen afstand vau de
spiegels staan, dat ü w en u> u
of i V en VS te zamen zoo
groot zijn als de oogsafstand,
waarvoordeteekeningen zijn
ontworpen; eindelijk dat meu
met de beide oogen uit de
punten L en Ji in de spiegels
ziet; wat zal er dan plaats
hebben? Een inderdaad be-
tooverend verschijnsel. —
Men ziet nu in F slechts één
beeld, eu dit is geene teeke-
ning meer, maar wel eeiie
pyramide of een kegel, die
waarlijk verheven schijnt en
zijn top naar ons toekeert.
Hoe langer men de schoone
figuur beziet, hoe meer opge-
heven het ligchaam wordt. Hangt meu de teekeningen op de plankjes om, dat is,
hangt men A' op de plaats, waar vroeger J hing enz., dan ziet men een ver-
diept of hol ligchaam, welks bodem zich zeer ver van ons verwijdert. Men kan
natuurlijk eene groote verscheidenheid in deze figuren maken ; de uilwerking is
altijd betooverend fraai. Afbeeldingen van borstbeelden, portretten en andere
verhevene voorwerpen worden zoo het schijnt ligchamen.
De stereoskoop van Brewster is opde volgende wijze ingerigt (zie fig. 224).
eene doos of een kastje van hout of bordpapier, in welks eene zijwand men eene
opening heeft gelaten, die door een om scharnieren beweegbaar deksel B kan
gesloten worden ; dit deksel is met bladtin bedekt, opdat dit als eeu spiegel iu
zekere stelling het licht zou kunnen werpen op de teekeningen, die door de
naauwe opening C op den bodem der doos kunnen geplaatst worden. Op het
lx)venvlak staan twee buisjes Den Ê, die elk de helft bevatten van eene con-
vexe lens van ongeveer 15 duim brandpuntsafstand, zoodat deze halve lenzen
in diervoege DQ tegen over elkander liggen. Ziet men nu met de beide oogen
te gehjk door de buizen D en E naar de op den bodem geplaatste teekening
A, A' of B, B' vau fig. 223, zoo bedekken zij elkander, worden tot écu,
schijnen verheven of verdiept, en zijn tevens vergroot en helderder verlicht.
Plaatst men op den bodem twee gedaguerreotypeerde portretten van denzelfdcn
persoon, een zooals men hem in zekere stelling met het linkeroog ziet, en een
zooals hij in diezelfde stelling met het regteroog gezien wordt, dan wordeu
deze portretten tot eene wezentlijke buste : de alzoo gedaguerreotypeerde voor-
werpen vooral, in deu stereoskoop waargenomen, voeren inderdaad onze ver-