Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
305
Even duidelijk is het, dat deze slingeringen niet gelijktijdig geschieden, dat de
l)eweging zith aan verder gelegene luchtdeelen later mededeelt. Wanneer er nu
meerdere kort opeenvolgende ontharstingen van de voorschrevene gasbellen
plaats hadden, zouden de luchtverdikkingen en verdunningen elkander steeds
opvolgen ; er zouden dan op eenigen afstand van r luchtdeelen zijn, die, hoewel
zij wat later waren begonnen, in het vervolg zich toch met n gelijktijdig regts en
links bewogen of van a af en er weder naar toe slingerden. De afstand nu tus-
schen zulke deelen, die in het vervolg gelijktijdig hunne slingeringen in dezelf-
de rigting aanvangen, noemt men de lengte eener golf. Hebben er dus in 1, 2, 3
enz. gelijktijdig luchtverdikkingen en luchtverdikkingen plaats dan noemt mesi
den afstand van 1 tot 2, van 2 tot 3 enz. de lengte eener golf. Maar terwijl de ver-
digting der lucht in 1, 2, 3, enz. jdaats grijpt, zijn er in n, b, c, enz. luchtver-
duimingen ontstaan. Dc afstand van 1 tot n of n tot 2 enz. is dus eene halve golf-
lengte. Op eene gelijksoortige wijze onderscheidt men bij de golving van het
water golfhergen cn dalen. Den afstand tu.sschen de toppen van 2 golfbergen of tus-
schen de diepste punten van 2 dalen noemt men ook de lengte eener golf. In-
dien men eene regte lijn a d trekt van het middelpunt a of van den oorsprong
der beweging af, noemt men de/e een' geluidsstraal. Weber, die den aard der
golven en de wijze van haar ontstaan met onbegrijpelijk veel geduld en naauw-
keurigheid heeft onderzocht, onderscheidt de golvingen of slingeringen in staande-
en voortgaande slingeringen. Staande slingeringen noemt hij dezulke, waarbij alle
deelen van het ligchaam gelijktijdig in beweging geraken, gelijktijdig den even-
wigtsstand voorbij«jaan, en gelijktijdig de punten van grootste afwijking uit dien
stand bereiken ; van dien aard was de slingering der snaar bij fig. 130 vermeld.
Voortgaande slingeringen zijn dezulke, waarbij de beweging der deelen op zich-
zelven van deel tot deel verder gaat, zoodat wel ieder volgend deel dezelfde be-
weging of slingering van het voorgaande maakt, maar slechts later begint. De
voortplanting van de eerste luchtverdikking en luchtverdunning, in het bijge-
bragte voorbeeld vau den zeepbel, op de naastliggende luchtlagen, geeft een denk-
beeld van eene voortgaande slingering of golving. De daarna aangenomene voor-
onderstelling van het voortdurend verbranden, van meerdere gasbellen, deed
staande slingeringen ontstaan, want tusschen r en h, nenb, waren de lucht-
lagen voortaan gelijktijdig in beweging en wel in dezelfde rigting.
Uit de met dc luchtpomp gedane proeve blijkt, dat du trilleiule lucht ook al
de vaste ligchamen, die het geluidgevende ligchaam omringen, doet mede trillen,
want hoe zou anders het geluid van onder de glazen klok der luchtpomp tot
onze ooren gekomen zijn? Verder, dat er, zoo men zich van een geluid verwijderd,
hovende oppervlakte der aarde, dat is door opstijging in den dampkring, twee
zaken medewerken om dat geluid te doen verzwakken : vooreer.st do verdunning
lier lucht, en ten tweede het vermeerderen van den afstand. 0[) den top van «len
Mont-Illanc is de knal van een pistoolschot veel minder sterk dan in de vlakte,
eii men moet daar tamelijk luid spreken, om elkander te verstaan. Oay l.ussac
13'