Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
Fig. 129«
voeren. Dit rad is doorgaans zeer zwaar, opdat de hoeveelheid' van beweging
zeer groot zou wezen, en het, eenmaal omgevoerd zijnde, weinig kracht meer
noodig zoude hebben, om in die omwenteling te volharden. De op- en ne-
dergaande beweging, thans in eene rondgaande veranderd zijnde, zoo kan
men haar verder voortplanten, of er schepen en wagens door in beweging
brengen.
Nog twee zaken blijven thans ter verklaring over: deze zijn, op welke wijze
de toevloed van stoom door het werktuig zelf geregeld wordt, en hoedanig de
beweging van de stoomschuif j j in de stoomkast plaats heeft.
De smoorklep v, in dc stoomleibuis M M aanwezig, wordt, even als de sleutel
in eene kagchelpijp, door het omdfaaijen der kruk vo geopend of gesloten.
Deze klep is hiernevens (zie fig. 129a) vergroot voorgesteld. Men bemerkt, dat
door het op- en nederhalen der stang (19) O de
kruk y O, die aan de smoorklep V verbonden is,
wordt medegevoerd en daardoor de klep geo])cnd
of gesloten. De stang (19) O wordt bewogen door
eenen hefboom (19) (20) (21), welken wij om het
punt (20) beweegbaar zullen denken. Het einde (21)
is verbonden met een werktuig, dat den naam van
regulateur of stoomregelaar draagt. Het bestaat
nit eene opstaande spil en daaraan verhonden rad
(22), dat weder in verband staat met een ander
rad (23); beide raderen zijn kegelvormig. Het
laatste rad wordt gewoonhjk door middel van een'
riem zonder eind, die over de rondgaande as van
het vliegwiel ligt, even als zulks bij het spinnewiel
plaats heeft, rondgevoerd ; deze beweging wordt medegedeeld aan het rad (22)
eu daardoor ook aan de vertikale spil. Neemt de snelheid van het vliegwiel
toe, die natjiurlijk van het spoedige rijzen en dalen der zuigerstang en dus van
den toevoer des stooms afliangt. dan wordt de snelheid der omwenteling van
den regulateur grooter. Dien ten gevolge verwijderen zich, door dc bekende
middelpuntvliedende kracht, de zware kogels (24), die aan de nedergaande stan-
gen verbonden zijn, en welke stangen om scharnieren (26) zich gemakkelijk be-
wegen. Dit vermeerderen van den afstand dier kogels brengt mede, dat de stan-
gen, aan welke zij hangen, nog twee andere stangen (27) met zich van rigting
doen veranderen, die op hare beurt den ring (21) opwaarts langs de spil schui-
ven cn bij gevolg den hefboomsarm (21) (20) optillen. Het is gemakkelijk uit
dc figuur te zien, dat dit het sluiten der smoorklep v ten gevolge moet hebben,
waardoor de toevloed van stoom vermindert; ook is het duidelijk, dat een
afnemen der snelheid van het vliegwiel omgekeerde verschijnselen zal te weeg
brengen. De vnlgeiide toestel is ook zeer vernuftig uitgedacht en betreft de
beweging der stcomnrhuif
J