Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
206
Fig. 110.
door tle meeste metalen, vooral door de platina-spons, eene zeer brosse, po-
reuse, korrelige, witte zelfstandigheid, die na herhaalde oplossingen en gloei-
jingen \an den platina-erts overblijft. Dit poeder verdigt de zuurstof uit den
dampkring in zich. Om nu van deze eigenschap gebruik te mak^n, plaatst men
in het kokertje c, dat ook op het deksel c d is bevestigd, een plalina-sponsje.
Hierop speelt nu het waterstofgas, uit t vloeijende, vereenigt zich met de ver-
digte zuurstof, en de platina-spons begint te gloeijeu.
Somtijds is deze gaslamp op de navolgende meer sierlijke wijze ingerigt (zie
fig. 119). A is een glazen vat of ballon met eenen langen hals. B is een ander
dergelijk vat, dat wat grooter is, en waarin
de hals van het eerste bij E luchtdigt sluit.
Deze hals is omgeven van eenen doorboor-
den zinken cilinder I en raakt bijna deij
bodem van het vat Dit laatste heeft nog
bij O eene horizontaal vooruitstekende buis,
waaraan zich een kraantje R en eene fijne
opening N bevindt. Om nu dezen toestel
aan het oogmerk te doen beantwoorden, giet
men in B verdund zwavelzuur. Het water-
stofgas begint zich nu, zooals gezegd is, te
ontwikkelen, klimt op in het vat B, drukt
. op de daarin aanwezige vloeistof, en drijft
deze al meer en meer door den hals in de
ruimte^, uit welke de lucht door de niet a
volkomen sluitende stop Z kan ontwijken, u
Het zamengedrukte waterstofgas stroomt nu in
bij het openen van het kraantje door de ^
fijne opening N en ontsteekt het stukje [i
platina spons, hetwelk zich bij S in een t
koperen busjej bevindt, dat door een staa^e ondersteund wordt. Het is bij !l
deze inrigting jammer, dat de platina-spons zoo spoedig haar vermogen om het tl
gas te doen ontvlanmien verliest. — Men kan haar door gloeijing echter dit j)
vermogen teruggeven.
Dat wij de verklaring der werktuigen sluiten met de mededeeling eener be-(l
langrijke uitvinding. Zij bestaat in eene zeer vernuftige toepassing vaiï
drukking des dampkrings op het vervoeren van rijtuigen langs sjroorwegen. sjj
Deze wegen ontleenen hunnen naam van de ijzeren sporen of regels, welke | /
ter wederzijde van deu weg liggen, en waarin of waarover de wielen der rij-i
tuigen loopen. De spoorweg, die thans het onderwerp onzer beschouwing uit-j,'
maakt, noemt men lucht- of atmospherische spoonvcg, omdat de drukking derj
lucht of van den dampkring (atmospheer) hier de eenige oorzaak der bewe-i|}
ging is. Het voornaamste gedeelte van dezen weg is eene gegotene uit 2 tot
^--------