Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
178
Fig. 90.
gat is geboord, kan die gemeenschap
worden afgebroken, en derhalve klok
en cilinder van elkander worden af-
gesloten. De klok of ontvanger k is
uit glas zamengesteld, en rust, met
den zeer glad geslepenen rand, vol-
maakt sluitend op de koperen plaat
l m, welke weder met eene gepolijste
glasschijf of ook wel met een le-
deren of gutta-percha rand is bedekt.
De plaat ) m heeft eene opening n
en deze opening is gewoonlijk van
eene schroef voorzien, waarop of
waarin men bollen, vazen, flesèchen,
enz. kan schroeven, ten einde ze luchtledig te maken. Alles is behoorlijk aan
eene tafel bevestigd. De cilinder met de buis zijn voor het gemak somtijds on-
der de tafel geplaatst, en de klok er boven op.
Vooronderstelt nu, dat de kraan g geopend, en de klok vol lucht zij : indien
men nu den zuiger c d ophaalt, zoo zet zich de lucht in de klok k ten gevolge
harer spankracht onmiddellijk uit, en vult zoowel de gemeenschapshuis A » als
de ruimte van den cilinder onder den zuiger c d; sluit men nu de kraan g en
drukt men den zuiger tot op den bodem b q neder, dan wordt de lucht in de
ruimte c db q zamengeperst, zij ontsluit de klep o en ontsnapt in de buiten-
lucht. Opent men nu op nieuw de kraan, en haalt men den zuiger op, dan
zet zich ook op nieuw de reeds verdunde lucht in k uit, en daarna weder dc
kraan g gesloten en den zuiger nedergedrukt hebbende, ontsnapt er ten twee-
denmale eene hoeveelheid luchts. Dit werk wordt zoo lang herhaald, totdat er
zich genoegzaam geene lucht meer in de klok bevindt. Er kan geene lucht
van buiten in de klok stroomen; want dit zou door de opening o van den
zuiger moeten geschieden, hetgeen onmogelijk is, dewijl de lucht de klep
toedrukt. Op welk eene wijze menden graad van verdunning der lucht, door
deze handelwijze ontstaan, leert kennen, zal later duidelijk worden. Het mag
niet onopgemerkt blijven, dat men door middel der kraan g de klok met de bui-
tenlucht in gemeenschap kan stellen. — Deze kraan is te dien einde nog eens
doorboord, regthoekig op de eerste doorboring, en hierdoor kan haar zulk eene
stelling ten opzigte eener zijdelingsche opening in de buis /t ƒ gegeven worden,
dat de buitenlucht binnen de klok moet toetreden.
Het is gemakkelijk in te zien, dat men door de luchtpomp nimmer eene
zuivere luclitledigheid kan tot stand brengen. Vooreerst wordt dit belet, door-
dien er altijd tusschen den zuiger c rf, wanneer deze oj) den bodem fc 7 is ge-
drukt, en de kraan g eene ruimte ƒ g overblijft, waaruit de lucht niet kau
verdreven worden ; dergelijke ruimte vormt ook de kleine opening van den lui-