Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
BB
170
dere vloeistof Hggen, eu dat bij verschillende vochten de ligtere op de zwaar-
dere zullen drijven, is duidelijk, wanneer men slechts aan den grondregel van
Archimedes denkt; want volgens dezen zullen de ligchamen te minder van eene
vloeistof, waarop zij drijven, verplaatsen, naarmate de vloeistof zwaarder is.
De proef met water, alkohol en pekel heeft deze waarheid bewezen. Alzoo drijft
de mensch op het kwik als kurk op het water; steenen drijven op gesmoltene
metalen; vast ijzer drijft op gesmolten; eenige houtsoorten, die op het water
drijven, zinken in olie; een schip gaat minder diep in zee- dan in rivierwater;
olie drijft op het water, maar zij zinkt in alkohol. Wanneer de brandewijn zoo
ligt is, dat olie er in zinkt, zegt men, dat hij proef houdt. De sterkste of geest-
rijkste vochten zijn ook de ligtste. Het kost weinig moeite, om een stuk palm-
hout of eene andere vrij zware houtsoort zoodanig door het inslaan van ijzeren
nageltjes te verzwaren, dat het soortelijk iets ligter is dan water. Dit stukje hout
zal dan drijven op koud en zinken in kokend heet water. Kene zeer vermsseude
proef levert de volgende inrigting op Men neemt een khïin ciKndriek fleschje
met wijden mond, stopt de opening met eene kurk, waarin twee gaten zijn
geboord. In de eene opening bevestige men met zegellak een glazen pijpje, dat
tot op den bodem van het fleschje reikt, in de andere zette men op gelijke wijze
een korter buisje vast, dat even in het fleschje reikt. Beide buisjes steken een
weinig boven de kurk uit. Men giet nu het fleschje vol rooden wijn en sluit
het met de kurk goed digt. Vervolgens plaatst men het'op den bodem van een
hoog glas, dat met water is gevuld. De wijn klimt nu door het korte buisje uit
het fleschje en begeeft zich, als een opstijgende roode damp, naar de opper-
vlakte van het water, waarover hij zich gelijkmatig verspreidt. Door de langere
buis vloeit nu water onder in het fleschje, en dit duurt zoo lang, tot de
plaats van den wijn door hei water geheel is ingenomen.
Zoo zullen ook drie vochten, als olie, water en kwik, bij elkander gegoten zynde
en geschud wordende, eene plaats overeenkomstig hunne soortelijke zwaarte
innemen, dat is, het kwik beneden, het water in het midden en de olie boven.
Een gelijksoortig verschijnsel doet zich op bij het bloed van den mensch.
Wanneer het bloed na eene aderlating in rust wordt gelaten, dan ziet men
er boven op, wanneer er ontsteking heeft plaats gehad, eene roodachtig
gele laag, daarop volgt het gestolde gedeelte, aan welks onderkant zich eene
laag roode kogeltjes heeft gehecht, terwijl het geheel drijft op het zoogenaamde
bloedwater, dat het zwaarste is, en derhalve onderligt. Eene opmerkelijke be-
weging, die insgelijks door de Archimedische grondstelling verklaard wordt,
heeft erin het water plaats, wanneer het verwarmd wordt. Alsdan zetten zich
door de warmte dc onderste waterdeelen uit, worden soortelijk ligter dnn de
koude, rijzen naar de oppers lakte, en worden door de koudere deelen vervan-
gen, die, naar den bodem dalende, hunne plaats innemen; en deze omloop houdt
zoo lang aan, tot de geheele massa gelijkmatig verwarmd is. Waarom zou het
dus niet voordeelig zijn, om het water eerst van boven te verwarmen ?