Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
Fig 47.
_.....a
126
alleen in ilen v/eg, dien alsdan het zwaartepunt moet beschrijven. Zij t dat punt,
dan zal dit, indien de stok van de tafel valt, even ver van het punt f, om het-
welk de omkanteling geschiedt, moeten verwyderd blijven, en dus den weg ze
beschrijven. Maar om dien weg ze te maken, moet het zwaartepunt z uit
zich zelf ryzen, en dit is onmogelijk; derhalve zal ook alles iu evenwigt
blijven.
Hieruit kan men als gevolg afleiden: dat een ligchaam dus zeer vast ud staan,
zoo zijn zwaartepunt moet rijzai, wanneer het ligchaam wordt omgekanteld of om-
vergeworpen
Bij een' driehoek abc (fig. 47) kan daarom de omkanteliug om a of 6 moeije-
hjk volbragt worden; want het zwaartepunt moet
iu het laatste geval den weg z d beschrijven, en
dus merk «'lijk ryzen. Rusten de ligchamen op eene
breede grondvlakte, zoo staan zij het stevigst, mits
dan ook de loodlijn, die uit het zwaartepunt op de
aarde wordt getrokken, midden in genoemd grondvlak
valle. In alle gevallen is het noodzakelijk, dat gezegde
loodlijn het grondvlak des ligchaams binnen den om-
trek doorsnijde. De scheeve cilinder a b (fig. 48) bij
voorbeeld, zal in evenwigt zijn; want s het zwaartepunt zijnde, valt de voet d
der loodlijn t t/binnen het grondvlak. Verlengt men den cilinder tot ine, zoo
rijst het zwaartepunt tot in z', de voet ƒ der loodlijn z' f valt buiten het grond-
vlak a i, eu het ligchaam moet omtuimelen. Te I'isa eu Bologua, beide steden
in Italië, de eerste in Toscane, de
rig. 48' tweede in den Kerkdijken Staat,
----------—.......g, vindt men torens, die opzettelijk zoo
/ schuin gebouwd zijn, dat zij den aan-
schouwers schrik en verwondering
inboezemen; de rigtingshjn van het
zwaartepunt valt juist op den om-
trek van den voet des torens, dus in
i (fig. 48). Eene geringe overhelling,
of bijvoeging van zwaarte op den
top, zou den toren doen omkantelen.
Eene der bezienswaardigste voor-
werpen, ten opzigte van de plaatsing des zwaartepunts, is de faam op het graf
xan Willem den eersten, te Delft. Dit zware metalen beeld rust slechts op de
voorste teenen van een' der voeten, en boven deze ligt dus ook het zwaartepunt
van het beeld. Wanneer een ligchaam eene stelling heeft, zooals bij de beide
voorgaande is aangewezen, noemt men zijne ligging of stabiel, maar
zet men den driehoek abc o^ eene der hoekpunten, zoodat er zeer veel waar-
schijnlijkheid bestaat, dat hij zal vallen, omdat het zwaartepunt alsdan eene