Boekgegevens
Titel: Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Auteur: Burg, P. van der
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1854
3de, geheel omgewerkte dr.; Oorspr. dr. : 1846
Opmerking: Bevat ook: 'Fondslijst. van den uitgever G.B. van Goor ...' (36 p.)
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 738 F 19
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203607
Onderwerp: Natuurkunde: klassieke fysica: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eerste grondbeginselen der natuurkunde: strekkende tot leesboek voor alle standen hoofdzakelijk tot zelfonderrigt voor jonge lieden, en tot handleiding voor onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
98
siiellicid ^aii 400 cl in tle seconde, dan zal men dezen een' kogel van 24 pond,
die in rust is, voor zich nit zien stooten; en met welk eene snelheid? Laat ons
dit berekenen. De massa is na den schok 2403 lood, en dus 801 maal zoo groot
als de eerst bewogene massa, of deze is >an de vercenigde massa; men zal
dan ook van de oorspronktlijke snelheid moeten hebben; — nu is ^^j el
5 palm, derhalve zal de snelheid na den sloot 5 palm in de seconde zijn.
Volgens deze redenering, moet zulk een geweerkogel eene zekere beweging
niededeelen aan een' steenklomp, hoe groot ook, ja zelfs aan eenen berg; dit is
inderdaad zoo, maar de snelheid is dan ook hoogst gering. Vooronderstelt, dat
het steenen blok 300 i)ond weegt, dan is de vereenigde massa, zoode kogel weder 3
lood'zwaar wordt gesteld, 30003 lood, waarvan de kogel is; zoodat de
snelheid na den schok zijn zal j- el, of bijna 4 duim in de seconde; eene schier
niet noemenswaardige snelheid, die ras door de tegenstandbieding en wrijving
wordt uitgeput, terwijl zij zich al verder en verder mededeelt aan al de aan-
grenzende voorwerpen en zelfs aan de aarde.
Er gaat alzoo niet eene beweging verloren; slaat men met den hamer op een
aanbeeld, men meene niet, dat dit zonder uitwerking blijft, al wordt zulks niet
ontdekt; de slag versj)reidt zich al verder en verder door al de aangrenzende
ligchamen, tol de mededeeling geheel geëindigd is.
Het is op bovenstaande gronden, dat men de snelheid van afgeschotene ka-
nonskogels meet. Het werktuig, dat men daartoe gebruikt, wordt ballistische
slinger genaamd, en is in fig. 40 Noorgesleld. Het bestaat uit l)eeueijzeren as a,
rustende aan de einden op zeer sterke steunsels; 2) een houten blok b ^an eene
Fig. 40.