Boekgegevens
Titel: Beknopt leerboek der planimetrie
Auteur: Kamp, H. v.d.
Uitgave: Groningen: P. Noordhoff, 1894
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 682 G 43
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203584
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Planimetrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopt leerboek der planimetrie
Vorige scan Volgende scanScanned page
5
Wanneer het bewegelijke been in den stand PB, (fig. 3j is gekomen,
heet de hoek APB, een gestrekte hoek. Leggen we het been QC van een
anderen gestrekten hoek op het been PA, dan zal ook het verlengde van
CQ, QD, in het verlengde PBj van AP vallen (I), dus de eene gestrekte
hoek bedekt den anderen, zoodat we mogen zeggen:
III. Stelling. Alle gestrekte hoeken zijn gelijk.
Hoeken, kleiner dan een gestrekte hoek, heeten uitspringende hoeken; die,
grooter dan een gestrekte , heeten inspringende hoeken.
Bij het noemen van een hoek bedoelt men, wanneer niets er bijgevoegd
is, steeds den uitspringenden hoek.
De helft van een gestrekten hoek heet rechte hoek. Het 90ste deel van
Fig. 5.
^B
B, P A
een rechten hoek heet graad, het 60ste deel van een graad heet minuut.
het 60ste deel van eene minuut heet seconde.
Uit stelling Hl volgt, dat ook alle rechte hoeken, alle graden, alle
minuten en alle seconden gelijk z^n.
Het teeken voor een graad is: (°), dat voor eene minuut: ('), dat voor eene
seconde f). Bijv. 27° 14'38" beteekent 27 graden, 14 minuten, 38 seconden.
Hoeken, grooter dan een rechte hoek, heeten stomp; die, kleiner dan een
rechte, heeten scherp.
Twee hoeken, die samen
Fig. 6. gelijk zijn aan een rechten
^^ hoek, heeten eikaars comple-
ment. Twee hoeken, die sa-
men een gestrekten vormen ,
a heeten eikaars supplement.
d ><Cb § 4. Van de 4 hoeken,
die bij de sngding van twee
lijnen ontstaan, heeten twee
naast elkaar liggende: neven-
. hoeken, dus bijv. a en i,
b en c, c en d, a en d.
Twee tegenover elkaar lig-