Boekgegevens
Titel: De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Auteur: Steyn Parvé, Daniel Jan; Klöden
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. U b 11
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203572
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
bijzondorheden, haar aangaande, leende, dan die welke uit
bovengemeld opstel van Herbold bleken. De geheele
verzameling van modellen uit Parijs te doen komen, daar-
toe waren de beschikbare middelen niet toereikende. Ge-
lukkig echter werd men in staat gesteld (zie de straks
in te lasschen mededeeling), door eene bijzondere gele-
genheid afbeeldingen van de te Darmstadt gebruikte mo-
dellen te verkrijgen; en de naar deze vervaardigde model-
len waren het voornamelijk, welke den Heer G. W. Py-
tak, Leeraar der teekenkunst aan het Athenaeum, in
staat stelden, deze methode aanvankelijk in te voeren.
Het spreekt wel van zelf, dat dit niet terstond in alle
klassen kon geschieden. In het schooljaar 1849—1850,
ontving de 4". of laagste klasse het eerst onderwijs in
het teekenen volgens de methode van de Gebr. Dupuis;
zij zette dat in het volgende schooljaar als 3°. klasse voort,
terwyl do nieuwe 4^ op gelijke wijze begon. Thans leert
eerstgenoemde nog als 2". klasse het teekenen volgens de-
ze methode, die bovendien ook in de 3'. en 4=. gevolgd
wordt. De resultaten hebben tot nog toe de verwachting
overtroffen, en men hooft dan ook niet geaarzeld ze voor
goed in te voeren in aUe klassen, waar men zich met het
handteekenen bezig houdt.
Hot is buiten tegenspraak, dat het onderwijzen volgens
eene nieuwe methode in het begin aan vele moeijelijkhe-
den onderhevig is. Voor menigen leeraar zoude zulk
eene verandering met onoverkomelijke zwarigheden ver-
bonden zijn geweest; de Heer Pytak, die er al het voor-
treffelijke van inzag, wist echter geheel in haren geest
door te dringen, en zich weldra de methode geheel eigen
te maken. Niet weinig mogt daartoe bijdragen hetgeen
mondeling werd berigt door iemand, die in Darm-
stadt dit onderwijs had zien geven, en zich persoon-