Boekgegevens
Titel: De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Auteur: Steyn Parvé, Daniel Jan; Klöden
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. U b 11
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203572
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
dc opmerkzame lezer zoude kunnen maken. Bij deze
methode wordt, zooals uit het geheel blijkt, eene sclüelijke
vervaardiging van het beeld verlangd. Naauwkeurigheid kan
daarmede in alle opzigten verbonden worden; maar zal de
leerling langs dezen weg ook zuiver en schoon leeren tee-
kenen ? — Hij ziet geen voorbeeld voor zich, waarbij hij
het zijne kan vergelijken; hij kan niet beoordeclen, of
zijne teekening niet veel fraaijer had kunnen gemaakt
worden, dan hij het gedaan heeft; terwijl de leerling, die
zich van een voorbeeld bedient, beide steeds met elkan-
der kan vergelyken. Zal dit gebrek niet van groot ge-
wigt zijn?
Deze bedenking kan uit den weg geiiiimd worden en
verdient onze opmerkzaamheid. Wij betreuren het, uit
eigene ondervinding daarover niets te kunnen zeggen;
want in Noord-Buitschland moet die ondervinding nog ge-
maakt worden, cn van andere plaatsen is ons omtrent
dit punt niets bekend. Voor zoover zonder ondervinding
daarover een oordeel geveld kan worden, vermeenen wij
toch, dat er voor die bezorgdheid geen reden bestaat.
Zoo lang de leerling slechts omtrekken teekent, kan de
onderwijzer enkel op de juistheid en zekerheid der lij-
nen letten. Daarna zal het echter voornamelijk van den
onderwijzer afhangen, in hoeven-e liij don leerling aan
oen zuiver en schoon teekenen wil houden; want dat de
doezelaar zulks niet verhindert, is bekend. Wij kunnen
het als geen gegrond verwijt beschouwen, dat de leerling
geen maatstaf heeft voor de beoordeeling zijner teekening,
als liij naar de natuur teekent, en zulks wel om drie re-
denen. Vooreerst zal het voor de onder\vijzers geene
groote moeite zijn, zeiven eene zuivere en schoone teeke-
ning van enkele modellen te maken, waarmede dan de
leerlingen hunne teekeningen kunnen vergelijken, om te