Boekgegevens
Titel: De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Auteur: Steyn Parvé, Daniel Jan; Klöden
Uitgave: Leyden: D. du Mortier en Zoon, 1852
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. U b 11
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203572
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: tekenkunst: algemeen
Trefwoord: Tekenen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De methode van teekenonderwijs van de Gebr. F. en A. Dupuis, en hare invoering in het Koninklijk Athenaeum te Maastricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
17
plaats verwisselen, begint voor elk als 't ware eene hieu-
we oefening.
Het is van veel belang, dat deze oefening niet te vroeg
afgebroken worde, daar zij zeer veel toebrengt om het
oog te oefenen. De onderwijzer moet daarom de staaf
in verschillende standen plaatsen en zich vlijtig van de
loodlijn bedienen; doch ook tevens de leerlingen aanspo-
ren, zich de verticale en horizontale lijnen slechts voor
te stellen, en daarnaar den stand van de staaf en hare
voorstelling op de teekening te beoordeelen, hetgeen na
eenige oefening zeer goed gaat. Dit is eene oefening,
die den grond der methode uitmaakt.
Hierop volgt, als model, een regte hoek, namelijk
eene regthoekig gebogene ronde ijzeren staaf, die wit ge-
verwd is, en waarvan de anderhalven voet lange beenen
zich Weder als lijnen vertoonen. Deze wordt op den
standaard geplaatst, in de meest verschillende standen
gebragt, en in eiken van deze nageteekend. Eerst moet
men dezen hoek zoo plaatsen, dat ten minste het grootsto
gedeelte der leerlingen den hoek als eenen regten hoek
ziet, en dus ook als zoodanig teekent, hetgeen overigens
van alle modellen geldt. Vervolgens stelle men het eene
been verticaal en verplaatse het horizontale been zooda-
nig, dat de meesten het schuins zien. De leerlingen zul^
len dan weldra bemerken, dat zij den regten hoek niet
meer als zoodanig zien, en dat het horizontale been
korter schijnt. Later kan men het eene been horizon-
taal laten liggen, en aan het verticale eene helling ge-
ven, enz.
Dezelfde oefeningen, die wij nu wel niet meer in al
hare bijzonderheden zullen behoeven te beschrijven, daar
zij als 't ware van zelve blijken, worden nu met het
model van eenen scherpen en dan van eenen stompen
ä
NüLii'laDdsGh SchoclHiassniü
friaiLiifr^c!:! iél iil! ie Piisssistrasl
. AMSTEHDÄM.
\_