Boekgegevens
Titel: De ware Robinsons
Auteur: Bergh, S.J. van den; Denis, F.; Chauvin, Victor
Uitgave: Leiden: D. Noothoven van Goor, 187X *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5652
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203339
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De ware Robinsons
Vorige scan Volgende scanScanned page
or HET EILA.Ni) ST. CHARLES.
boomde, wanl men deed liem oftntei'ken dal deze voor-
zorgen de dienst van hel schip niet belemmerden.
Den volgenden ochtend, bij hel aanl»reken van deudag,
ging men andermaal aan land. Lavig>(e wilde dat men
er om zou loten en dat de Iielft der passagiers tot bewa-
king van het schip zoude achlerblijven: maar niemand
wilde zich aan de kansen van bet lot wagen, ieder meende
dal liij gerust eenige uren van boord kon gaan. Er hleel'
<lus alleen een gedeelte van de bemanning aan boord, en
h1 de passagiers verwijderden zich. Zij hadden spoedig
meer dan wel van bun bezoek aan hel eiland Sl. (Iharles,
een verlaten (»ord, dal zij zich voornamen zoo spoedig
mogelijk Ie verlaten. Men besloot dus dat men den vol-
genden dag zou terug keeren om water in te nemen en
zich Ut l»aden, en daarna onmiddellijk vertrekken.
Mei bet aanbreken van den dag maakte iedereen zich
inderdaa<i gereed hel vaartuig te verlaten, terwijl bij v<»or
dezen togl slechts zijne minste kleederen medenam en aan
boord het geld, de horlogies en alles wal maar eenige
waarde bad, aebterliet. Op bel oogenblik van hel ver-
trek verzocht een der passagiers, die dertig oneen goud
in zijn gordel bij zich had, lavigise en charto.x dil gebl
voor hem Ie willen bewaren in den aau den groolen mast
bevesligilen kofl'er, die hunne geheele fortuin bevatte.
Zij stemden er in toe, en borgen, voor de oogen iler be-
«
manning, dien zak op de aaugeduiile plaats, zeggende
dat bet onnoodig was den geheelen inhoud na te tel-
len, omdat zij dien in aller tegenwoordigheid onlvingen
en op dezelfde wijze zouden teruggeven. Lavigne , die
bevreesd was dat de kapitein hen zou verlaten, noodigde
Charloii.