Boekgegevens
Titel: De ware Robinsons
Auteur: Bergh, S.J. van den; Denis, F.; Chauvin, Victor
Uitgave: Leiden: D. Noothoven van Goor, 187X *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5652
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203339
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De ware Robinsons
Vorige scan Volgende scanScanned page
i gaetano osculati.
Op den 20'"° Junij, l)ij hel aanbreken van den dag,
gaf de reiziger hel sein lol verlrek; maar de Indianen
braglen duizenderlei onlschuldigingen voor hunne weigering
om Ie vertrekken in. Onze onver,schrokke natuuronderzoeker
sloeg nergens acht op; de aanvoerder kwam nu lusschen
beiden en verklaarde dat men op een feestdag niet reizen
mögt; dat de gouverneur van Quixos zelf, dien zij het
vorige jaar hadden vergezeld, hun des zondags rust had
gegund, en dat, zoo zij voorttrokken, hun gewis een of
ander ongeluk overkomen zou. Osculati die al zijn ge-
duld begon te verliezen, dreigde den aanvoerder lol
andere maatregelen te zullen overgaan als deze tegenstand
niet ophield, en zijne vastberadenheid maakte voor het
oogenblik aan alle verdere tegenstribbeling een einde.
■Men zelte zich dus in beweging; maar op drie honderd
pas.sen afslands van den tambo valt er een Indiaan en
krabt zich hel been open; hij weigert op te staan, zei
het op een schreeuwen, en verklaart dal het ongeval bet-
welk hem getrolfen beeft, een wraak des hemels is. Om
een eind aan de zaak te maken, doel osculati hem naar
den tambo terugbrengen, laat er hem met den door hem
gedragen koil'er en de beide door de Yiimbo's gelorscble
pakken achter, herval daarop zijn togl in hel midden
der Indianen, die, om hem hun ongenoegen te toonen,
voortdurend het diepste stilzwijgen in acht nemen. Op
deze wijs trekt alles twee dagen voori te midden
van mei allerhande struikgewas begroeide moerassen.
De Indianen verdwalen lusschen dezen doolhof van slin-
gerplanten en reusachtige varens. Eensklajis stuiten zij
op een geweldig groolen beer, die, terwijl hij voor den