Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
74 spreekwoorden
drie deelen, met platen, voor eenigen tijd, bij
den Boekhandelaar w. van vliet, tt Amfterdam
is uitgekomen, onder den titel: Magazijn van
Spreekwoorden en Zedefpreaken, opgehelderd door
voorbeelden en vertellingen, tot een leesboek voor
de jeugd; terwql gij daarbij ook, nu en dan,
de Verzameling van Vaderlandfche Spreekwoor-
den, opgehelderd door j. f. martinet, ten ge-
bruike der jeugd en in de Scholen, 1796 bij
j. albart, te Amjlerdam uitgegeven, doch
thans bq de Uitgevers dezes herdrukt en te
bekomen, te baat kunt nemen.
I. Een fpreekwoord, een waar woord,
a. Als de eene hand de andere wascht, wor-
den zq beiden fchoon.
3. Eerlijk duurt het langst.
4. Vódj gedaan en na bedacht, heeft menig
een in leed gebragt.
5. Na gedaan werk is goed rusten,
kleederen maken den man.
Gierigheid is een jwortel van alle kwaad.
Middeilmaat houdt (laat.
Bidt en werkt. ' '
liet welk prqst zijnen meester.
ii. Boontje komt om zqn loontje, of, gelijk
Jiet werk, zoo de loon.
^ ' la. Een leiigcraar moet een goed geheugen
, hebben.
■ ■ • i'i-