Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
352 ORDE, ZiN DEL IJ IC HEID,
het lagchen brengen. Het was flechts um kod-
dig te fchijnen en te boerten.
In den aanrang werd lotje deswege door
eenige onverflandige menlchen bewonderd. „ Wei
„ meisje!" zeide men, „ gij hebt toch fnaak-
„ fche invallen!" Dit kittelde onze lotje zoo
zeer, dat zij al meer en meer de koddige
fpeelde. „ Lotje!" zeide hare moeder, „ lot-
„ jeI zet dat jokken niet te flrerk voort. Al
„ behagen uwe fnakerijen aan menig een, zij
„ zijn echter laakbaar; en wanneer gij u nog
„ eenigen tijd daarmede ophoudt, zal het u
„ zwaar vallen, om dit af te leggen." Lot-
je Hoorde zich intusfchen niet aan de ernfl:igen
verminingen van hare moeder. „ Ei," dacht
zij, „ dat zal ik toch wel kunnen nalaten; dat
y, is immers ligt te vermijden."
Lotje bedroog zich. Hare jokkernrj nam
van dag tot dag toe; en doorgaans Helde zij
al wat zi,i verhaalde, overdreven en veel groo-
ter en erger voor dan het was. Was zq 'in
een' tuin geweest, door welken een klein beekje
liep, dan maakte zij dat beekje tot een' magti-
gen ftroom, waarin karpers en brafems van
twee ellen lang waren. Had zij eens iemand
wat Iterk zien eten, dan beweerde zij, dat hij
ten minHe voor twaalf man gegeten had. Had
zij vreemde dieren gezien, dan verzekerde zij,
dat