Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
KWADE GEWOONTEN. JiS
uitte hij een fcheldwoord. Als hij lekkernijen
zag, werd fteeds het verlangen bij hem gaan-
de, om daarvan te fnoepen; en wanneer zich
eenige gelegenheid voordeed, om iemand een*
trek te fpelen, was er niets, 'dat hem daar-
van terug kon houden, dan zijne vrees voor
de ftraf, waarmede zijn vader hem had be-
dreigd, en het zekere vooruitzigt, dat deze
woord zou houden.
Langzamerhand werd lodewijk echter weör zoo
goed en beminnelijk als hij geweest was; maar
federt dien tijd wachtte hij zich zeer, om met
ondeugende kinderen vertrouwelijk en vriend-
fchappelijk om te gaan. „ Neen," zeide hij bij
zich zelven, „ men moet zich in acht nemen:
„ men wordt maar al te ligt zelf flecht, als
„ men' veel omgang met flechte menfchen heeft."
C X X X I X.
lotje m e e r w ij n.
Lotje meerwijn had zich aangewend,' om
een aantal van onwaarheden te zeggen, maar on-
waarheden van zulken aard, dat een ieder der-
zelver valschheid aanftonds bemerken kon. 9et
was ook zelfs haar oogmerk niet, dat iemand
gelooven zou, hetgeiïe zij zeide; maar zij wil-
de zich zelve 'en anderen daarmede flechts aan
liet