Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: http://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
»4 KLEINE VERTEL LINGEN.
kwam ten beftemden tpe in eea eenvoudig ge-
waad. De deurwaeliter, die fteeds enkel prach-
tig gekleede lieden bQ zqnen Heer had zien ko-
men , wilde hem niet binnen laten, fchoon hij
verzekerde, dat hq te gast genoodigd. was. Ter-
wijl nu de vreemde nog met den deurwachter
aan den gang was, kwam de Heer des huizes
daarbij. „ Wat!" zeide hij, „ gij wilt john-
„ son zijn ? en gij ziet er uit, als of gij tegen
y, geen gans ba kunt zeggen." „ Ba,/" zeide
johnson. Uit dit enkele zeggen herkende de
Heer hem voor den genoodigden perfoon, en
bad hem met veel beleefdheid, om .binnen te
komen.
59. Zeker mensch aan eens Konings hof had
een voornaam Heer beleedigd, die hem deswege
dreigde over hoop te fteken. „ Gij behoeft niet
„ voor hem te vreezen," zeide de Koning tot
dien mensch; „ want als hij u vermoordt, zal
„ hij den volgenden dag worden opgehangen." —
„ Ik had evenwel lievbr," antwoordde de ge-
zegde perfoon daarop, „ dat hq den vorigen
y, dag opgehangen wierd."
60. Een afgedankt oud foldaat kwam eens
tot zijnen Koning, en bad hem om een jaargeld.
„ Heer! " zeide hij tot hem, „ ik kan mij nu
„ welhaast niet langer tegen den honger verwe-
„ ren." — „ Zoo erg fchqnt het mg evenwel
- niet